Canon EOS 5D Mark III uitgebreide review

Meer...

Door -

Vorige maand publiceerden we al de eerste testresultaten van de 5D Mark III (en de Nikon D800). In deze uitgebreide review gaan we naast deze eerder gepubliceerde testresultaten specifiek in op de 5D Mark III. En dat met name op de vele verbeterpunten van de Mark III ten opzichte van zijn voorganger, de 5D Mark II (die eind 2008 werd aangekondigd). Zijn de verbeteringen een prijsverhoging waard?

Lange houdbaarheidsdatum

Het heeft maar liefst 3,5 jaar geduurd voordat de 5D Mark II werd opgevolgd. Al na circa 1,5 jaar deden de eerste geruchten over de opvolger de ronde. Wat beeldkwaliteit betreft was daar niet echt reden toe, maar het was wel duidelijk dat de later aangekondigde EOS 7D enkele handige verbeteringen bevatte (naast 1080p ook 720p60 video-opname, betere autofocus, een andere knoppenindeling met aparte videoknop) die de 5D Mark II ontbeerde. De reden dat de opvolger zo lang op zich heeft laten wachten, zat hem ongetwijfeld in het feit dat de camera nog steeds zeer goed verkocht. Eind 2011 meldden we nog dat de toen ruim 3 jaar oude 5D Mark II nog steeds in de top 20 stond (van alle camera’s met verwisselbare lenzen). Mede gezien de relatief hoge prijs en de bejaarde leeftijd was dat zeer opvallend.

De 5D Mark II had dan ook een vliegende start. De opvolger van de oorspronkelijke 5D werd uitgerust met een licht getunede sensor van Canon’s paradepaardje, de EOS 1Ds Mark III. Met zijn 21 megapixels en toch goede resultaten op hoge ISO’s kon hij de concurrentie prima bijbenen (hoewel de Nikon D3 en D700 met hun 12 megapixels ruisarmere plaatjes produceerden). Toen het duidelijk werd dat 2012 het jaar van de fullframecamera’s zou worden (met nieuwe modellen van Canon, Nikon en later dit jaar waarschijnlijk ook Sony) kon de opvolger – de 5D Mark III – natuurlijk niet uitblijven.

Canon 5D Mark III test photo

Verbeteringen (1) – autofocus, bps en HDR

Aan de specificaties op deze pagina zie je dat de 5D Mark III op veel fronten vooruit is gegaan. Niet alleen wat betreft resolutie en de maat van het lcd-scherm, maar ook wat betreft het aantal beelden per seconde – bijna een verdubbeling van 3,9 naar 6 bps. Hij is wel wat groter en zwaarder geworden ten opzichte van zijn voorganger. De overige verbeteringen laten zich niet zo snel zien in de specificatielijst, maar zijn meer op het ergonomische en softwarematige front te vinden.

Is de 5D Mark III zo revolutionair anders of beter dan zijn voorganger? Ja en nee. De fundamenten van de camera zijn redelijk gelijkwaardig, maar de 5D Mark III is vooral met z’n tijd meegegaan. Met name de sensor is verbeterd en daarmee weer helemaal klaar voor de komende 3,5 jaar. Ook de autofocus is flink aangepakt en stijgt boven iedere andere EOS camera uit (de basis is hetzelfde als het systeem van de 1D X). En verder zijn er vooral een hele hoop kleine vernieuwingen toegevoegd, die voor veel fotografen zeker interessant zullen zijn.

Snelheid (bps)

De buffer van de 5D Mark III is ook verbeterd. Met zes beelden per seconde – wat snel is voor een fullframe-camera – kun je 18 RAW-opnamen maken. In de jpeg-stand is dit aantal nagenoeg onbeperkt (volgens de specs 16.000 jpeg’s). Om deze snelheden te halen dien je wel gebruik te maken van de nieuwste CF UDMA-7 geheugenkaarten, om over de vereiste bandbreedte te beschikken.

Autofocus en lichtmeting

De autofocus van de 5D-serie is enorm verbeterd. De 5D Mark II gebruikte het autofocussysteem van de oorspronkelijke 5D en dat stond niet bepaald bekend om zijn snelheid. Eigenlijk was alleen het middelste autofocuspunt goed bruikbaar voor AI Servo, maar dat was weer minder ideaal voor het volgen van snel bewegende objecten (want daarvoor zou je het liefst alle focuspunten willen gebruiken). Het aantal focuspunten is nu gegroeid van slechts 9 naar 61! De 5D Mark III gebruikt hetzelfde 61-punts autofocussysteem als de EOS-1D X, met 41 cross-type punten en vijf dubbele cross-type punten. Het verschil met de 1D X is dat deze een dedicated Digic IV processor voor de autofocus beschikbaar heeft en daarnaast nog twee Digic V chips (waardoor deze nog sneller en accurater zal zijn). De 5D Mark III moet het doen met één Digic V+. Desalniettemin is het snelheidsverschil ten opzichte van zijn voorganger bijna revolutionair te noemen. De 5D Mark III is zelfs sneller dan de 1D Mark IV – het voorgaande paradepaardje van Canon wat autofocus betreft. Het verschil ten opzichte van andere EOS-camera’s zoals de 7D en xxD- en xxxD-serie is enorm. Ook het volgen van onderwerpen gaat stukken beter. Voor belichting heeft de camera het iFCL-meetsysteem ingebouwd met een sensor met 63 zones gekoppeld aan het AF-systeem.

De autofocus-sensor van de 1D X is verwerkt in de 5D Mark III

Video

Ook heeft Canon de populariteit van de 5D Mark II als filmcamera niet genegeerd en flink aandacht besteed aan de filmopnamemogelijkheden, wat al begint met een dedicated filmopnameknop. De Full HD opnames moeten aanmerkelijk beter van kwaliteit zijn, mede dankzij de nieuwe processor, die moiré, valse kleuren en andere artefacten moet kunnen verwijderen. Verder beschikt de camera ook voor filmopnames over handmatige belichting en hoge bitrate compressie, inclusief ALL-I en IPB. Opnames zijn mogelijk met 24 tot 60 bps, SMPTE timecode wordt ondersteund. 1080p met 50 of 60 bps is helaas geen optie (daarvoor moet je gebruik maken van 720p). Zie ook onze videotest verderop in deze review.

In-camera HDR

Toen de 5D Mark II werd geïntroduceerd was HDR al populair, maar er waren toen nog maar weinig camera’s met een ingebouwde HDR-modus. Dat is nu wel anders en Canon heeft er daarom goed aan gedaan om een in-camera HDR-modus toe te voegen. Hierbij wordt de belichting van drie individuele foto’s (variabel instelbaar van -3 tot +3 EV) samengevoegd tot één HDR foto (tone-mapped). Vooral in situaties met een hoog contrast, zoals zeer donkere en zeer lichte delen, kan dat uitkomst bieden. Nu deze optie in de camera zit, kan dat veel bewerkingstijd achteraf schelen; de foto’s zijn direct gebruiksklaar. Uiteraard is het ook een optie om de oorspronkelijke foto’s te bewaren, zodat je deze eventueel zelf nog kunt omzetten naar een HDR. Er zijn verder behoorlijk wat opties voor het type bewerken, variërend van ‘natuurlijk’ tot en met kunst en kunst embossed. Met name ‘natuurlijk’ werkt erg goed en toont veel meer details in schaduwen en hooglichten. De fotoreeks kan eventueel automatisch worden uitgelijnd. Wat wel jammer is, is dat het aantal beelden beperkt is tot drie. Voor een HDR is dat voldoende, maar een optie met meer beelden zou de belichting nog meer ten goede komen (vooral bij extreme contrasten). Bij bracketing is dat namelijk wel mogelijk met bijvoorbeeld vijf en zeven opnamen.

Canon 5D Mark III HDR test photo

Een HDR foto op basis van drie losse foto’s (te zien aan de rijdende auto). ISO 25.600

Verbeteringen (2) – sensor, knoppenindeling, CF/SD

De grootste verbetering is de vernieuwde sensor. Deze heeft nagenoeg hetzelfde aantal pixels (22 in plaats van 21 miljoen), maar is wel een compleet nieuw ontwerp. Zowel in de foto- als de videomodus is de betere kwaliteit duidelijk zichtbaar. Dat uit zich overigens vooral in het feit dat hogere ISO standen te gebruiken zijn, zonder dat de beeldkwaliteit hieronder lijdt. Er is sprake van ongeveer twee stops winst, oftewel ISO 6400 op de Mark III is min of meer gelijk aan ISO 1600 op de Mark II. En ISO 1600 was op de laatstgenoemde al een uiterst bruikbare stand zonder veel ruis.

Op de lagere ISO’s is het verschil minder groot. Sterker nog, we zien praktisch geen verschil in dynamisch bereik, scherpte en ruis tussen de 5D Mark II en III op ISO 100-400.  De kleurtonen van de 5D Mark III lijken marginaal beter. Wie veel in jpeg fotografeert zal eerder een verschil bespeuren. De 5D Mark III heeft een ingebouwde lenzendatabase waarmee lensfouten direct verholpen worden. De 5D Mark III produceert daardoor foto’s met beduidend minder vertekening en chromatische aberratie.

CompactFlash èn SD

Net als de 1D-serie bevat de 5D Mark III nu twee geheugensloten. Dat biedt allerlei mogelijkheden, zoals het automatisch doorschieten/-filmen als de eerste geheugenkaart vol is, het maken van een reservekopie en het gebruik van verschillende formaten (raw op de ene kaart, jpeg op de andere). Canon heeft gekozen voor CompactFlash èn SD. Deze keuze is gelijk aan de 1D-serie, met uitzondering van de nieuwe 1D X. Daar heeft Canon namelijk voor twee CF-sloten gekozen (volgens Canon op verzoek van gebruikers). Het is niet duidelijk waarom Canon voor de 5D III dan toch voor CF en SD heeft gekozen. Mogelijk mede vanwege de ruimte. Het voordeel van een SD-kaart is dat dit de compatibiliteit ten goede komt; vrijwel alle computers, laptops en soms zelfs tv’s zijn voorzien van een SD-slot. CompactFlash is al lange tijd terug uit de gratie geraakt, doordat de doelgroep opschoof richting pure professionals. Maar het betekent dus wel dat er geïnvesteerd moet worden in twee verschillende geheugenkaarten. Een groot probleem zal dit in de praktijk niet zijn. CF kaarten worden al heel lang gebruikt en zijn zeer betaalbaar en de kans is groot dat er ook al SD-kaarten in huis zijn aangezien deze is zoveel andere apparaten gebruikt worden.

Aan-uit knop

Er is nog een andere afwijking ten opzichte van de 1D-serie en de 5D Mark II. De aan-uitknop is verhuisd van rechtsonder aan de achterkant naar rechtsbovenop de body, achter het programmawiel. Dit is meer in lijn met andere EOS body’s. Of je daar als bestaande 5D Mark II gebruiker blij mee bent, is nog maar de vraag. Je hebt nu je linkerhand nodig om de camera aan te zetten, terwijl je deze met je rechterhand vasthebt. En als je met je linkerhand de lens vast hebt (zoals dat officieel hoort), dan kun je dus niet makkelijk bij de aan-uitknop (als je er tijdens het fotograferen achterkomt dat de camera nog uit staat). We vragen ons hardop af of het niet beter was geweest om meteen de methode te gebruiken van Nikon en Sony. In dat geval zit de aan-uitknop achter de ontspanknop. Dat betekent dat je de camera met je rechterwijsvinger kunt bedienen (die je ook gebruikt voor het maken van foto’s) en dat is nóg makkelijker.

Andere knoppenindeling

De aan-uitknop was stap één. Ook de verdere knoppenindeling is grotendeels afgekeken van de EOS 7D. Zo heeft de 5D III nu ook een Q-knop en een dedicated videoknop, waarmee je ook snel kunt schakelen van de foto- naar de videomodus. Door op de Start-Stop-knop te drukken start je live view (in de fotostand) of de video-opname (in de videostand). Verder zijn er een Rate-knop en een vergelijkingsknop bijgekomen. Dat lijkt misschien onzinnig, maar je kunt er tijdens (of vlak na) het fotograferen markeringen mee aangeven, wat je achteraf veel bewerkingstijd scheelt. De Rate-knop kan ook ingesteld worden om foto’s te beschermen (tegen verwijdering). Ook zijn de knoppen iets platter vormgegeven in plaats van de ronde bolletjes die bij de Mark II gangbaar waren. Een kleinigheid is dat de SET-knop nu netjes recht blijft zitten.

Verbeteringen (3) – inzoomen, bewerkingsopties, stille modus

Inzoomen

Ook de manier van inzoomen op je gemaakte foto’s is veranderd. In plaats van de knoppen voor het vastzetten van de lichtmeting en het instellen van de autofocus (te bedienen met de duim) klik je nu met de linkerhand op de zoomknop. Dit heeft als voordeel dat je meteen een flink stuk kunt inzoomen en niet vaak hoeft te drukken. De mate van inzoomen is instelbaar (b.v. 100%). In- en uitzoomen doe je vervolgens met het bovenste draaiwieltje. Het vergt wat gewenning, maar het is wel handig.

Canon 5D Mark III test photo

Bewerkingsopties

Via de Q-knop kun je ook meteen een paar basisbewerkingen uitvoeren. Zo kun je het beeld roteren, het formaat wijzigen en de helderheid, witbalans, beeldstijl, hoge ISO-ruisreductie, kleurruimte en allerlei correcties (vervorming, ca, helderheid) instellen. Ook kun je hier een beoordeling toevoegen of het beeld beveiligen (net als de Rate-knop).

Beter menu

De menu-indeling is ook op de schop gegooid. Wat vooral een verbetering is, is dat veel gevorderde opties nu rechtstreeks vanuit het menu in te stellen zijn, zonder dat je naar het speciale C.Fn. menu moet. De opties zijn onderverdeeld in zes rubrieken: camera, autofocus, bekijken, camera setup, gevorderde instellingen (C.Fn) en het snelmenu (My Menu) waar je snelkoppelingen voor veelgebruikte onderdelen kunt toevoegen.

Stille modus

Wat eveneens een enorme verbetering is voor de 5D-serie, is de toevoeging van een stille modus in de Mark III. Bezitters van een 1D-serie kennen deze functie al (de S-stand), maar nu is hij ook voor het eerst op een ‘lagere’ EOS-reeks gebruikt. Dat lijkt misschien een kleinigheid, maar is het zeker niet. Het opklappen van de spiegel maakte bij de 5D Mark II een behoorlijk hard geluid. Dat is zéér onwenselijk in veel situaties, zoals een bruiloft (denk aan het ja-woord, klik-klak-klik), een akoestisch concert in een kleine ruimte of een kerk of museum waar stilte gewenst is. Ook maakt het iets als straatfotografie makkelijker, omdat het maken van een foto wat geluid betreft minder opvalt.

En het is opvallend dat de stille modus niet alleen werkt in de enkelbeeldstand. Je kunt ook zonder lawaai 3 foto’s per seconde maken.

Afdichtingen

Een andere verbetering zijn de afdichtingen van de 5D Mark III. De oude Mark II kon ook wel tegen een paar druppels water, maar was niet beduidend beter afschermd dan de xxD-serie. De 5D Mark III heeft afdichtingen die het niveau van de 1D-serie benaderen. Er is echt veel aan gedaan om ervoor te zorgen dat water niet diep kan doordringen. Daardoor kun je tijdens een buitje blijven fotograferen, al moet je natuurlijk blijven oppassen met water.

Elektronische waterpas

Net als enkele andere EOS-camera’s heeft de 5D Mark III nu ook een elektronische waterpas. Deze is via de info-knop op het lcd-scherm op te roepen. In sommige situaties kan dat het makkelijker te maken om te bepalen of de camera recht staat. In de zoeker is hier helaas niets van terug te zien, waardoor de optie eigenlijk alleen zin heeft tijdens live view.

Lcd-scherm

Het lcd-scherm is gegroeid van 3,0 naar 3,2 inch (van 7,6 naar 8,1 cm). Dat lijkt een klein verschil, maar dat is het niet. Het vorige scherm had de 4:3 verhouding en telde 920k pixels. Het nieuwe scherm heeft de 3:2 verhouding met 1040k pixels en sluit dus beter aan op de afmetingen van de foto’s, waardoor deze groter (en met meer detail) getoond worden. Ook 16:9 komt hierdoor beter uit. 

Aanraakgevoelige knop

De laatste troef van Canon is een aanraakgevoelige knop aan de achterzijde. Je kunt het draaiwiel aan de achterzijde tijdens het filmen gebruiken om bepaalde zaken aan te passen zonder dat je knoppen hoeft in te drukken (b.v. ISO, diafragma, sluitertijd of het geluidsniveau). Een aanraakgevoelige knop is in dat geval handig, omdat je dan geen knoppen hoeft in te drukken (wat hoorbaar kan zijn in de opname). Het werkt in de praktijk vrij goed.

De aanraakgevoelige draaiknop is een mooie innovatie

Kanttekeningen (1)

Ondanks de vele verbeteringen hebben we ook wat kritische kanttekeningen. Sommige zaken hadden beter uitgedacht kunnen worden, terwijl er ook een paar kansen zijn blijven liggen.

Geen kantelbaar scherm

Het is jammer dat de 5D Mark III geen kantelbaar scherm heeft. Die trend was net ingezet bij de 60D en de 600D waarvan de voorgangers ook een normaal scherm hadden, maar die ontwikkeling komt bij de 5D Mark III weer tot halt. De 5D-serie wordt veel gebruikt voor landschappen en fotojournalistiek en dan is het prettig om vanuit alle hoeken goed zicht op het scherm te houden. Een kantelbaar scherm betekent dat je probleemloos boven je hoofd en laag bij de grond kunt fotograferen, terwijl je de compositie op het lcd-scherm nauwlettend in de gaten kunt houden. Het stimuleert de creativiteit en voorkomt dat je plat op de grond moet gaan liggen. Ook bij concurrenten zoals Sony en Nikon (D5100) en de vele systeemcamera’s (Sony, Olympus, Panasonic en Samsung) zie je dat kantelbare schermen steeds gebruikelijker worden. Het is jammer dat Canon deze trend niet heeft opgepikt voor de 5D Mark III. Nu moet je alsnog op de grond gaan liggen òf een tweede camera meesjouwen die wel een kantelbaar scherm heeft.

Aan de andere kant… Geen enkele fullframe-camera heeft momenteel een kantelbaar scherm (wellicht dat de Sony A99 de eerste wordt). Mogelijk vond Canon dat dit voor de doelgroep van de 5D Mark III geen prioriteit had. Voor studiofotografie of video valt daar wat voor te zeggen. Wat video betreft zou een ‘loupe’, die met een magneet op het lcd-scherm geplakt zit, mogelijk te zwaar zijn voor het kantelmechanisme. Ook kan het zijn dat het met een kantelbaar scherm lastiger was om de camera robuust en weathersealed te maken. Maar we vinden dit wel een gemiste kans.

Autofocuspunten zijn zwart

De 5D Mark III beschikt over 61 autofocuspunten en zeer diverse instellingsmogelijkheden waarmee je de focuspunten kunt selecteren (de middelste, verschillende groepen of allemaal tegelijk). Wat echter vreemd is, is dat de scherpstelpunten niet meer rood oplichten, zoals dat voorheen altijd wel het geval was. Er verschijnt simpelweg een groot vierkantje over een kleiner vierkantje om aan te geven waar het focuspunt zit. Op die manier wordt ook een onderwerp gevolgd, waarbij het vierkant over de focuspunten heen beweegt. In het donker is dat echter lastig te zien. Hierdoor weet je dus niet zeker of op het juiste punt scherpgesteld is, tenzij je vooraf een specifiek punt geselecteerd had (zoals de middelste). Tijdens het selecteren van de punten lichten ze wel rood op. Het lijkt er dus op dat dit eventueel met een firmware-update kan worden aangepast, indien daar genoeg vraag naar is (en Canon hiertoe bereid is).

Kanttekeningen (2)

Canon 5D Mark III test photo

Megapixels?

We zien het niet echt als nadeel, maar het is wel opvallend dat de 5D Mark III na 3,5 jaar niet gegroeid is in resolutie. Nou ja, er zijn nu 22 in plaats van 21 megapixels, maar het verschil is nauwelijks waarneembaar. Waarschijnlijk is voor die extra megapixel gekozen voor de videofunctionaliteit (de nieuwe resolutie maakt 3×3 oversampling mogelijk en sluit daardoor beter aan op het 1080p hd-formaat). De meeste fotografen die we gepolst hebben, zijn blij met het besluit van Canon om de resolutie niet fors te verhogen, want dit komt de ruiswaarden ten goede. De resolutie van 5760×3840 is voor de meeste doeleinden ruim voldoende, zelfs voor veeleisende studiofotografie.

Maar om alle zijden te belichten kun je je ook afvragen waarom Canon de resolutie slechts met één megapixel heeft opgeschroeft. Zelfs oude concurrenten uit het verleden, de Nikon D3X en de Sony A900, hebben er meer (24). En de Nikon D800, die op veel fronten een concurrent is van de 5D Mark III, schermt zelfs met 36 megapixels (iets dat Canon al wist voordat de 5D Mark III gelanceerd werd). Tussen beide camera’s is een duidelijk resolutieverschil te zien, in het voordeel van de D800. Dat zou fanatieke landschaps- of studiofotografen toch over de streep kunnen trekken. In die zin heeft Canon nu een gat in haar portfolio vergeleken met Nikon – zeker nu de 1Ds verdwenen is. Maar goed, daar krijg je dus wel wat voor terug: uitstekende low-light fotografie die beter is dan alle concurrenten van dit moment (zie verderop in deze test).

Het resolutieverschil met de Nikon D800 (rechts) is duidelijk zichtbaar.

Geen geïntegreerde gps en wifi

De meest simpele compactcamera’s beschikken tegenwoordig al over een geïntegreerde gps en wifi-functionaliteit. Het is daarom de vraag waarom een camera die meer dan € 3000 kost dat soort zaken niet biedt. Ja, wel als optionele modules, maar die zijn zeer prijzig en nemen weer plek in (zoals op de flitsvoet). Sony is op dit moment de enige die gps-functionaliteit biedt in haar spiegelreflexcamera’s (a55, a65, a77). En Nikon heeft laatst bij de nieuwe D3200 een zeer betaalbare wifi-accessoire (€ 89) aangekondigd. Ter vergelijking: de bijbehorende Canon WFT-E7 kost meer dan € 700. Dat is belachelijk veel geld. Voor een fractie daarvoor koop je overigens een Eye-Fi kaartje waarmee je ook wifi-functionaliteit krijgt, al is het signaal daarvan niet erg sterk.

Geen actieve ondersteuning voor nieuwe RT flitsers

Iets dat de 5D Mark III ook niet heeft, is ingebouwde ondersteuning voor de nieuwe radiografische RT flitsers. Enigszins verbazend, aangezien deze RT techniek tegelijkertijd met de Mark III werd aangekondigd. Wie de nieuwe 600EX RT flitser in gebruik wil nemen moet daarvoor eerst nóg een extra accessoire kopen; de  ST-E3-RT (€ 339). Het zou interessant zijn geweest als Canon deze techniek gewoon in de 5D Mark III had ingebouwd; dit zou de acceptatie van de nieuwe RT standaard hebben versneld èn de beduidend hogere prijs ten opzichte van de 5D Mark II meer kunnen rechtvaardigen.

Kantekeningen (3)

Autofocus tijdens live view nog steeds traag

Iets dat ook wat tegenvalt is dat de autofocus tijdens live view nog steeds uiterst traag is. Scherpstellen neemt gemiddeld circa een halve seconde in beslag bij statische objecten en dat is merkbaar traag. Fabrikanten van systeemcamera’s hebben de laatste jaren juist laten zien dat dit vèèl sneller kan. De argumenten die Canon hiertegen op kan voeren is dat a) video toch handmatig moet en b) niemand een 5D Mark III voor de live view-mogelijkheden koopt. Maar een snelle scherpstelling had wellicht meer mogelijkheden voor bijvoorbeeld fotojournalistiek geboden. Hoe dan ook hadden we wel wat meer vooruitgang verwacht na 3,5 jaar. Het zou toch wat gek zijn als er straks een 650D komt die dit wel snel kan. 

Geen Clean-HDMI

Een clean-hdmi poort (zoals die op de Nikon D800 en D4) maakt het mogelijk om videobeelden in raw-formaat op een externe recorder op te slaan. Dat biedt meer mogelijkheden tijdens de nabewerking en is dus ideaal voor professionele videoproducties. Als compensatie biedt Canon wel twee verschillende compressievormen (ALL-I en IPB), wat een pluspunt is ten opzichte van de concurrentie. Desondanks zullen sommige professionals het gebrek aan ‘clean hdmi’ wel als minpunt ervaren.

Hogere prijs

De 5D Mark III is beduidend duurder dan de 5D Mark II in het begin was. De adviesprijs is € 3499 ten opzichte van € 2499 – oftewel dat is exact € 1000 meer. Het verschil met de huidige nieuwprijzen van de 5D Mark II is nóg groter. Nu staat de Yen op dit moment erg hoog en zien we dat professionele camera’s en lenzen de laatste tijd allemaal duurder zijn geworden, maar dit prijsverschil is wel buitensporig groot. De betere sensor kan hier niet de reden van zijn, want het is normaal dat deze verbeterd is ten opzichte van zijn voorganger (hoewel de verbetering wel erg goed is). Het sterk verbeterde autofocussysteem is zeker een meerprijs waard. De prestaties liggen op 1D-niveau, dus in feite is de 5D Mark III hierdoor hoger gepositioneerd dan zijn voorganger. Maar € 1000 is wel erg veel; een prijsverhoging van bijna 30%. Ook de andere verbeteringen – die er zeker mogen zijn – maken de prijsverhoging in onze ogen niet echt goed. Daarvoor hadden we toch wel iets extra’s verwacht, zoals beschreven in deze kanttekeningen (zoals een geïntegreerde gps, wifi, RT module of een kantelbaar scherm).

Omdat wifi en gps niet ingebouwd zitten, wordt de camera al snel een bouwwerk als je extra functionaliteit wilt

Lichtlek

In de eerste weken dat de Canon 5D Mark III op de markt kwam, werd een technisch mankement ontdekt. In extreem donkere omstandigheden kan de lichtmeter van slag raken van extern licht of van het licht van het bovenste lcd-paneel. In de praktijk is dit probleem niet erg groot, omdat het zich bijna niet voordoet. Maar bij iets als nachtfotografie kan het leiden tot onderbelichte foto’s. De nuance is dat fotografen die aan nachtfotografie doen, bijna altijd de M-stand zullen gebruiken. Mits de ISO-waarde ook vast is ingesteld, doet het probleem zich dan dus niet voor.  Bovendien is de afwijking relatief klein en kan deze in beeldbewerkingssoftware worden gecorrigeerd zonder dat je daar erg in hebt. Desondanks is hier sprake van een serieuze bug die niet voor had mogen komen.

ISO 400 f2.8 – Normaal 15 sec / Light-leak: 8 sec

Op de foto hierboven zie je het effect. Je ziet standaard de foto met normale belichting (15 seconden). Als je met de muis op de foto gaat staan zie je de onderbelichte foto die het gevolg is van het lichtlek (met een sluitertijd van 8 seconden). Het detail op de muur valt weg door onderbelichting.

Terugroepactie

Canon stelt dat een terugroepactie niet nodig is omdat het fenomeen onder ‘bijna alle’ condities geen effect heeft op foto’s. Tegelijkertijd zegt men dat het mogelijk is om de camera gratis te laten inspecteren bij Canon. Zie hier voor meer informatie over de melding van Canon.

Serienummers

Volgens Canon hebben alleen de eerste modellen last van het probleem. Dat is te zien aan de cijfers 1 en 2 als zesde cijfer in het serienummer. Cijfers 3 en hoger hebben er geen last van.

In de aangepaste 5D Mark III is anti-statische tape gebruikt om het lichtlek te voorkomen

Voor meer voorbeelden en extra testresultaten van het lichtlek, zie onze eerdere test.

Beeldkwaliteit – algemeen

De beeldkwaliteit die de 5D Mark III aflevert is zeer goed. Later in deze review gaan we concreet in op specifieke situaties en verschillende testresultaten, maar we beginnen met wat algemeen beeldmateriaal. Daaraan is te zien dat de camera kleurrijke (maar neutrale), scherpe en gedetailleerde opnamen aflevert. Met name de automatische witbalans werkt ook zeer goed in verschillende situaties. Slechte lichtsituaties zijn geen enkel probleem voor deze camera. De autofocus blijft functioneren en ook op hoge ISO’s zijn de kwaliteiten uitstekend.

Canon 5D Mark III test photo

Canon 5D Mark III test photo A07C7696

A07C7167

Canon 5D Mark III test photo

Canon 5D Mark III test photo

Canon 5D Mark III ISO 25600

ISO 25.600

Ruis: 5D Mark II vs Mark III

Al eerder publiceerden we de eerste testresultaten van de 5D Mark III die als eerste binnenkwam. In vergelijking met zijn voorganger, de 5D Mark II zijn de grootste verbeteringen op het gebied van beeldkwaliteit de ruisprestaties op de hogere ISO waarden.

5D II vs III – 12.800 en 25.600

Op het plaatje hieronder zie je resultaten van de 5D Mark II op ISO 12.800 en 25.600 rechtstreeks vergeleken met dezelfde standen op de 5D Mark III. Het betreft hier een uitsnede (100%) van een grijsvlak op onze testkaart. De 5D Mark III bevat beduidend minder kleurruis, waardoor de ruispatronen veel minder storend zijn. Tot en met ISO 12.800 is de beeldkwaliteit zeer goed te noemen. Vanaf ISO 25.600 wordt het ruispatroon storend.

5D Mark II vs 5D Mark III (ISO 12.800 en 25.600) – de afbeelding is klikbaar

ISO 12.800-104.200

Op basis van onze testfoto’s kunnen we concluderen dat de 5D Mark III er circa 2 stops op vooruit is gegaan. De kwaliteit van de Mark II op 3200 wordt door de Mark III op ISO 12.800 geëvenaard. Zelfs ISO 25.600 is ook nog redelijk bruikbaar, als is ruis dan wel zichtbaar aanwezig. ISO 51.200 is wat ons betreft wat te hoog gegrepen, al zou een goed belichte opname met behulp van gespecialiseerde ruisreductiesoftware nog wel bruikbaar kunnen zijn voor minder cruciale foto’s (al is er wel sprake van detailverlies). Het gebruik van ISO 102.400 zouden we afraden.

5D Mark III (ISO 12.800-104.200) – de afbeelding is klikbaar

Ruis: 5D Mark III vs D800 en D4

In eerste instantie richten we ons vooral op de Nikon D800 en de Canon 5D Mark III omdat deze min of meer in hetzelfde segment vallen. De Nikon D4 is een pure professionele camera, waarvoor resolutie minder belangrijk is dan snelheid. De rechtstreekse tegenhanger is de Canon 1D X, maar deze is nog niet beschikbaar. In sommige testresultaten hebben we de Nikon D4 alvast meegenomen, om de vergelijking compleet te maken.

Nikon D4 vs 5D Mark III vs D800

Als we kijken naar de ruisprestaties op basis van onze testafbeeldingen, is het resolutieverschil tussen de drie camera’s direct duidelijk. De resolutie van de Nikon is met zijn 16 megapixels beduidend minder groot dan die van de 5D Mark III en de D800. Met name de 36 megapixels van de D800 leiden zichtbaar tot meer details.

Nikon D4 (links), 5D Mark III (midden), en Nikon D800 (rechts) op ISO 6400
(testfoto is klikbaar) 

Beste ruisprestaties

Alle camera’s zijn erop vooruit gegaan, ondanks de groei van het aantal megapixels. Als we de testfoto’s op hun originele resolutie met elkaar vergelijken komt de 5D Mark III daar het beste uit. Deze toont op ISO 6400 de minst storende ruispatronen. Bij de D800 leidt de ruis tot grovere details, wat vooral zichtbaar is in het gezicht (b.v. ogen en neus). In de schaduwpartijen linksonderin zien we hetzeltde terug.

Op ISO 12.800 en ISO 25.600 zien we vergelijkbare resultaten terug in een grijsvlak op onze testkaart. Dit zijn overigens geen ‘native’ waarden van de D800 die officieel tot ISO 6400 gaat (hogere ISO’s worden bereikt door een ISO 6400 opname onder te belichten en vervolgens softwarematig te corrigeren).

5D Mark III, D4 en D800 op ISO 12.800 (afbeelding is klikbaar)

5D Mark III, D4 en D800 op ISO 25.600 (afbeelding is klikbaar)

Testresultaten: 5D Mark III vs D800 en D4

Visuele waarneming is één ding. Bij FotoVideo.nu hebben we het motto ‘meten is weten’. Een beeld is immers verschillend te interpreteren en je kunt er op allerlei mogelijke manieren mee spelen. Daarom gebruiken we verschillende professionele testkaarten middels een vaste opstelling met kunstlicht. De testfoto’s worden vervolgens gebenchmarkt via de professionele Imatest-suite. Op die manier kunnen we concrete scores koppelen aan onder andere de ruiswaarden, zodat we feitelijke resultaten kunnen tonen.

ISO prestaties

Middels een lineaire grafiek kunnen we laten zien hoe verschillende camera’s presteren op de hogere ISO-waarden. In de grafiek hieronder tonen we de scores op ISO 3200, 6400 en 12.800. Hieraan is allereerst te zien dat het verschil ten opzichte van de 3,5 jaar oude 5D Mark II vrij groot is. Deze kan met ISO 3200 nog vrij goed meekomen met de rest, maar hij presteert slecht op ISO 6400 en 12.800 in vergelijking met de nieuwe lichting camera’s. Dat bevestigt dat er opnieuw grote stappen zijn gemaakt in sensortechnologie.

ISO 3200-12.800 (let op: de lijn begint bij 0,70 i.p.v. 0)

De 5D Mark III scoort overall het beste. Het verschil met de Nikon D4 op de hogere ISO’s is marginaal, maar aanwezig. Ook het verschil met de Nikon D800 ten opzichte van de D4 en 5D Mark III is beperkt. Toch scoort deze op alle hogere ISO’s minder goed dan de andere twee nieuwe camera’s. Desondanks is het knap dat de Nikon de ruis zo goed onder controle weet te krijgen ondanks de flinke verhoging van het aantal megapixels (36). Ondanks de enorme toename van de hoeveelheid pixels, lijkt de D800 op hoge ISO’s het beter te doen dan de D700 en D3X.

D800 en 5D Mark III

Hoe verhouden de scores van de D800 en de 5D Mark III zich in vergelijking met andere camera’s, zoals de goed geteste NEX-5N? Je ziet het in de onderstaande grafiek. Zowel de D800 als de 5D Mark III scoren beduidend beter dan hun APS-C concullega’s.

ISO 3200 (let op: de lijn begint bij 0)

RAW versus jpeg

Hoe presteren de 5D Mark III en de D800 wanneer er in het raw-formaat wordt gefotografeerd? Er is dan geen sprake van beeldbewerking door de camera, dus ook niet van enige ruisreducatie. Het pure sensorresultaat blijft dan over. Uiteraard hebben we ook getest, met name om te zien of er afwijkingen waren ten opzichte van de jpeg-resultaten. De uitkomst was zoals verwacht. Ook in raw is de 5D Mark III significant beter dan zijn voorganger (de 5D Mark II). En ook de D800 presteert navenant. In de onderstaande grafiek kun je het verschil zien.

Ruisreductie

Aan de flinke cijfermatige verschillen in de grafiek kun je zien dat er behoorlijk wat gebeurt in de camera. Dat is ook visueel zichtbaar in de onderstaande vergrotingen van een egaal grijsvlak. De raw-opnamen (rechts) zijn beduidend scherper dan de jpeg-foto’s, maar bevatten logischerwijs meer zichtbare ruis. Door middel van ruisreductie in de camera neemt de hoeveelheid ruis af, maar wordt het beeld ook flink verzacht (oftewel minder scherp). Wie in raw werkt, in bijvoorbeeld Lightroom, AfterShot of Camera Raw moet dus handmatig ruisreductie toepassen.

jpeg (links) en raw (rechts)

Praktijkfotos: 5D Mark III (vergeleken met de D800)

Tijd voor praktijkfoto’s. Want testscores, cijfers en hoge ISO-waarden zeggen natuurlijk niet alles. De resultaten hieronder zijn jpegs met een neutrale beeldstijl. De gebruikte lenzen zijn de Canon 24-105 f4 L IS en de Nikkor 24-120 f4 VR. Alle foto’s zijn onbewerkt.

:Canon 5D Mark III test

5D Mark III. De D800 foto is te zien als je met de muis op de foto gaat staan.

Scherpte

Mede door de hogere resolutie zijn de beelden van de D800 over het algemeen iets scherper en gedetailleerder dan die van de 5D Mark III. Wel heeft de D800 iets meer last van chromatische aberratie in combinatie met de gebruikte 24-120mm f4 VR.


Canon 5D Mark III test

5D Mark III. De D800 foto is te zien als je met de muis op de foto gaat staan.


Canon 5D Mark III test

5D Mark III. De D800 foto is te zien als je met de muis op de foto gaat staan.


Canon 5D Mark III test

5D Mark III. De D800 foto is te zien als je met de muis op de foto gaat staan.

Video (1)

In 2008 kwam Nikon met de D90 op de proppen, die een 720p filmfunctie had. Een week later deed Canon hetzelfde met de 5D Mark II, maar dan met ondersteuning voor 1080p FullHD. Beide camera’s werden razendpopulair, maar met name de 5D Mark II blonk uit op het gebied van video’s (Vincent Laforet is er groot mee geworden). We ziijn nu 3,5 jaar verder en zo goed als iedere nieuwe fotocamera heeft een videofunctie. Dat geldt ook voor de nieuwe lichting professionele spiegelreflexcamera’s, zoals de Canon 5D Mark III, Nikon D800, Nikon D4 en Canon 1D X. De 5D Mark III is de opvolger van de Mark II en belooft enkele interessante verbeteringen.

Canon 5D Mark III with Zacuto Z-Finder

De 5D Mark III met Zacuto loupe (voor video)

Videospecificaties

De 5D Mark III ondersteunt (net als de Mark II) drie modi in de 1080p stand: 30, 25 en 24 beelden per seconde. Nieuw aanwezig is een koptelefoon-aansluiting, zodat je het geluid live kunt beoordelen. De 5D Mark III biedt de mogelijkheid om het geluidsniveau tijdens het filmen aan te passen (op basis van het geluid van de koptelefoon of de opnamemeters). Ook biedt Canon twee verschillende compressiemethoden: ALL-I (intraframe) en IPB (interframe). Het verschil tussen beide is de manier waarop compressie wordt opgeslagen. Bij ALL-I wordt ieder frame afzonderlijk van elkaar gecomprimeerd, terwijl bij IPB opeenvolgende frames tegelijk worden gecomprimeerd. Dat laatste is wat compressie betreft efficiënter en levert dus een minder groot videobestand op. ALL-I biedt echter in principe de beste beeldkwaliteit, waardoor de beelden ook beter nabewerkt kunnen worden. Het is ook afhankelijk van wat er gefilmd wordt. Voor actieshots is ALL-I de beste methode omdat de compressie dus per frame wordt berekend. Voor een shot met veel details en weinig beweging is IPB weer handiger. In tegenstelling tot concurrent D800 en de D4 van Nikon, biedt Canon geen ‘clean hdmi’, tot teleurstelling van enkele professionals. Maar dus wel een hogere bitrate en twee compressievormen (ALL-I en IPB), dat dit enigzins compenseert. De laatste troef is een aanraakgevoelige knop aan de achterzijde. Je kunt het draaiwiel aan de achterzijde tijdens het filmen gebruiken om bepaalde zaken aan te passen zonder dat je knoppen hoeft in te drukken (b.v. ISO, diafragma, sluitertijd of het geluidsniveau).

Canon 5D Mark III vs Nikon D800

Omdat zowel de Mark III als ‘tegenhanger’ Nikon D800 zich gespecialiseerd hebben in video, hebben we beide camera’s tegenover elkaar gezet.

De bovenstaande video is slechts een selectie van een flink aantal videotests. De tests zijn uitgevoerd met een Canon 24-105mm L f4, 16-35mm f2.8, Nikkor 16-35mm f4 en 24-120mm f4 VR. Daarnaast hadden we nog een tweetal optisch identieke 100mm f2.0 lenzen van Carl Zeiss tot onze beschikking (met dank aan Transcontinenta) om lensfouten uit te sluiten. De camera stond op een statief (desondanks zijn soms lichte trillingen waarneembaar). In alle gevallen is er handmatig scherpgesteld. In de ISO-test was de focus van de D800 niet optimaal ingesteld (voor het doel van de ISO-test was dit niet erg). Normaliter produceert deze iets scherpere beelden dan de 5D Mark III. De conclusies lees je op de volgende pagina.

Video (2): Canon 5D Mark III vs Nikon D800

Wat scherpte betreft deed de Nikon D800 het meestal een stuk beter dan de 5D Mark III. Het is inmiddels bekend dat de nieuwe 5D een vrij sterk anti-aliasing filter heeft (dat door sommigen er al bruut is uitgesloopt), onder andere om moíre tegen te gaan. De D800 heeft op dat vlak dus wat minder nabewerking nodig. Het verschil is duidelijk te zien op de onderstaande 100% uitsnede van een frame. Het onbewerkte beeld van de 5D Mark III oogt wat soft. Als je met de muis op de foto gaat staan zie je het ruwe beeld van de D800, waarbij scherpere details te zien zijn.

Uitsnede van een (video)frame van de 5D Mark III. Als je met de muis op het beeld gaat staan zie je het resultaat van de Nikon D800.

Moíre

De scherpte heeft echter ook een nadeel. Bij de D800 is in sommige situaties moíre te zien. Patronen met rechte lijnen veranderen in een patroon dat oorspronkelijk niet zichtbaar was. Daarbij ontstaan vaak ook kleurpatronen en met name die zijn erg storend. Voor consumentengebruik is moíre niet onoverkomelijk, maar als je een professioneel ogende film wilt maken wel. Overigens had de 5D Mark II ook last van moíre. Vermoedelijk gebruikt de D800 – net als de Mark II – line-skipping om de resolutie van 36 megapixels terug te brengen naar twee (1920×1080). Deze methode werkt moíre in de hand. De Mark III doet niet aan line-skipping en berekent het hele beeld terug.

Clip uit de testvideo – Canon 5D Mark III

Clip uit de testvideo – Nikon D800

Video (3): Canon 5D Mark III vs Nikon D800

Wat ruis op hoge ISO’s betreft was het al duidelijk dat de 5D Mark III op dit vlak beter presteert dan de D800. In de videomodus is dit verschil echter nóg beter te zien. Al op ISO 6400 ontstaat er ernstige kleurruis in de beelden van de D800. Vooral de blauwe ruis valt hierbij op. Op ISO 12.800 en 25.600 (beide ‘gepushte’ standen, want native gaat de D800 tot ISO 6400) zien de beelden er niet meer acceptabel uit. Het beeld wordt langzaam blauw. De 5D Mark III doet het tot en met ISO 6400 uitstekend. ISO 12.800 kan er zelfs ook nog mee door, al wordt het beeld in egale donkere vlakken wel iets onrustiger. ISO 25.600 zouden we in principe niet gebruiken, tenzij het niet anders kan. Maar dit is hoe dan ook een enorme prestatie en maakt de 5D Mark III uitstekend geschikt voor het filmen bij slecht licht.

ISO 6400, Nikon D800 en Canon 5D Mark iII

Andere opvallende zaken

Het geluid dat de camera’s produceren hebben we niet uitgebreid getest. Iemand die serieus met film aan de slag wil zal daarvoor externe apparatuur gebruiken. Wat wel duidelijk opviel is dat de 5D Mark III duidelijker en helderder geluid opneemt met de microfoon, maar tegelijkertijd ook erg gevoelig is voor wind. De D800 is daar minder gevoelig voor, maar het geluid is een stukje zachter. Beide camera’s hebben last van het ‘rolling shutter’-effect. Bij snelle bewegingen van links naar rechts worden rechte lijnen schuin omdat de beeldlijnen van boven naar beneden worden uitgelezen.

Met dank aan Transcontinenta voor het uitlenen van de twee Carl Zeiss makro planar T* 100mm f2 lenzen

Conclusie (samenvatting)

Het heeft even geduurd, maar de Canon 5D Mark III is een flinke stap vooruit ten opzichte van zijn voorganger. De beeldkwaliteit – met name op hoge ISO’s – is significant beter, waardoor je nu zonder al teveel zorgen op ISO 6400 en 12.800 kunt fotograferen. Voor iemand die regelmatig in low-light situaties fotografeert of filmt is dat een enorm voordeel en zeker een reden om over te stappen. Voor iemand die zelden boven de ISO 400 gebruikt – zoals in de studio – is de meerwaarde beperkt. Het zit hem dan meer in andere voordelen.

Een ander unicum is de autofocus die een enorme sprong vooruit heeft gemaakt. De 5D Mark III kan zich meten met de voormalige 1D-serie van Canon en dat maakt hem veel beter geschikt voor het fotograferen van actie dan de Mark II. Dit is in vrijwel alle scenario’s merkbaar en samen met de beeldkwaliteit een kleine revolutie. Ook de hogere burstrate, met 6 beelden per seconde, maakt de camera in combinatie met de autofocus prima inzetbaar voor actiefotografie.

De andere verbeteringen zijn interessant, maar minder schokkend. De verbeterde weathersealing was zeer welkom, maar was ook wel noodzakelijk door de concurrentie. De stille modus is een zeer nuttige toevoeging omdat deze de 5D Mark III fluisterstil maakt en daardoor beter inzetbaar in een omgeving waar lawaai storend is. Het is helemaal mooi dat de camera in deze modus nog steeds drie beelden per seconde haalt. Het extra SD-geheugenslot kan eveneens van pas komen in bepaalde situaties. Door SD toe te voegen is het makkelijker geworden om foto’s op verschillende apparaten (zoals notebooks) te bekijken zonder dat er een kaartlezer nodig is. Andere vernieuwingen, zoals het grotere 3:2 scherm, de nieuwe knoppenindeling, het betere menu, in-camera HDR en bewerkingsopties en de aanraakgevoelige knop (voor video) zijn eveneens welkome verbeteringen, maar meer evolutionair dan revolutionair.

fotovideonu-aanraderkopie

Pluspunten

  • Zeer goede beeldkwaliteit (ook op zeer hoge ISO’s)
  • Verbeterde autofocus op professioneel niveau
  • 6 bps (ipv 3,9)
  • In-camera HDR
  • Naast CF nu ook SD
  • Vernieuwd knoppenspel en menu
  • In-camera bewerkingsopties
  • Stille modus (3 bps)
  • Betere weathersealing
  • Groter (3:2) lcd-scherm
  • Aanraakgevoelige knop (voor video)

Minpunten

  • Prijs fors hoger dan 5D Mark II
  • Geen kantelbaar scherm
  • Geen ingebouwde extra’s (gps, wifi, RT)
  • Autofocus tijdens live view nog steeds traag
  • Geen clean-HDMI output (video) *

dit is tijdens een latere firmware-update wel toegevoegd

Pin It
SCORE
  • Beeldkwaliteit95%
  • Prestaties90%
  • Specs en mogelijkheden80%
  • Bediening85%
  • Prijs-prestatie80%
EINDCONCLUSIE86%

Ondanks de nadelen, waarvan de fors hogere prijs veruit het zwaarst weegt, zijn de verbeteringen wel dusdanig dat de 5D Mark III voor de meeste fotografen een flinke stap vooruit is. De autofocus en de beeldkwaliteit op hoge ISO's zijn een kleine revolutie. Daardoor, maar ook door extra's als de stille modus, in-camera HDR, weathersealing, groter scherm, aanraakgevoelige knop en SD naast CF, is de 5D Mark III zeer breed inzetbaar en véél meer allround dan de 5D Mark II was. De overige minpunten wegen minder zwaar omdat de directe concurrenten deze extra's ook niet bieden (kantelbaar scherm, gps, wifi, RT). Desondanks had dit de hogere prijs wel meer kunnen verantwoorden.

Jeroen

is mede-oprichter van FotoVideo.nu, schrijver van diverse (foto)boeken en auteur voor verschillende tijdschriften. Hij fotografeert sinds 1996 met een spiegelreflexcamera en geeft ook af en toe presentaties en workshops over fotografie. Volg Jeroen ook op Twitter.