Datacolor Spyder Lenscal lenscalibratie

Meer...

  • Samsung NX100 uit productie
  • FV Flickr Top 5 (10)
  • Nikon 1: nieuwe 11-27.5mm pancake en J2-body
  • ‘Drie nieuwe Sony NEX-camera’s in 2012′
  • Hoe ziet een bevroren camera er uit?
Door -

Sommige lenzen hebben last van front- of backfocus, waarbij ze net voor of achter het onderwerp scherpstellen. Op volle lens opening kan het daardoor zijn dat een foto niet op de juiste plek scherp is – en dus de prullenbak in kan. In het recente verleden kwam het daardoor voor dat een fotograaf in een winkel eerst een aantal lenzen wilde uitproberen alvorens tot aanschaf over te gaan. Of, als achteraf een focusafwijking geconstateerd werd, moest de camera en lenzen opgestuurd worden naar de camerafabrikant voor calibratie.

Gelukkig is dit tegenwoordig met de meeste moderne spiegelreflexcamera’s geen onoverkomelijk probleem meer. Deze bieden in het menu een optie voor lenscalibratie. Dan is het alleen nog zaak om uit te vinden wat de afwijking is. Hier bestaan enkele DIY (do it yourself) oplossingen voor, maar er ligt ook een kant-en-klare oplossing in de winkel. Van importeur Transcontinenta ontvingen we de Spyder Lenscal van Datacolor (bekend van de vele kleurkalibratie oplossingen).

De platte Lenscal (niet uitgevouwen)

De Spyder Lenscal is een plastic plaatje dat uit drie delen bestaat. Het vlak met de zwarte en witte vierkanten wordt omhoog gezet. De lineaal eveneens, maar dan in een hoek van 45 graden (schuin omhoog). Dat gaat overigens automatisch als je het zwart-witte vlak omhoog zet. De opzet is vergelijkbaar met DIY oplosingen (PDF) waarbij een vel papier als testkaart wordt gebruikt. Het grote verschil is dat je dan de camera exact in een hoek van 45 graden ten opzichte van de testkaart moet plaatsen. Met de Lenscal hoeft dat niet en deze is daardoor eenvoudiger in het gebruik.

Hoe werkt dit product in de praktijk en hoe gaat het calibreren in z’n werk?

De Lenscal zit in een plastic verpakking, samen met een beknopte handleiding. Het driedelige plaatje moet voor gebruik uitgevouwen worden. Na gebruik kun je hem weer plat opbergen en op de plank leggen. Hij past ook in een fototas.

Naast de drie plaatjes (de bodem, de focusplaat en de scherptelineaal) bevat de Lenscal nog een paar handige onderdelen. Zo is hij voorzien van een statiefaansluiting. Je hebt dus de keuze of je hem op een plat object, zoals een tafel, legt of op een statief schroeft. Op statief is handig wanneer je camera ook op een statief staat; je kunt de camera en de Lenscal dan flexibel op verschillende afstanden gebruiken op exact dezelfde hoogte.

Omdat het zeer belangrijk is dat de Lenscal helemaal plat staat, heeft hij een ingebouwde watermeter. Het luchtbelletje moet zowel horizontaal als vertikaal in het midden staan om je ervan te verzekeren dat hij recht staat. Veel statieven en statiefkoppen hebben ook een ingebouwde watermeter, dus je zult deze niet altijd nodig hebben. Toch is het handig dat hierin is voorzien.

Lenscalibratie is geen moeilijk, maar wel een heel precies klusje. Even snel een foto maken is niet voldoende als je serieus wilt meten in hoeverre je lenzen afwijken. De Lenscal moet op een 100% vlak oppervlak worden gezet. Dat kan een tafel zijn, een keukenblok of een statief. De camera moet vervolgens op een statief worden geplaatst op exact dezelfde hoogte.

Het is handig om meteen al je lenzen te testen en daarvoor zijn verschillende werkafstanden noodzakelijk. De ideale afstand is namelijk afhankelijk van de brandpuntsafstand van de lens. Datacolor adviseert deze met 5 tot 10 te vermenigvulden. Gebruik je bijvoorbeeld een 100mm lens, dan wordt één meter (= 100 x 10 = 1000mm) aanbevolen.

Zet de camera op de A-stand en selecteer de laagst mogelijke diafragmawaarde (b.v. f2.8). Dit is belangrijk omdat anders de afwijking veel minder nauwkeurig te zien is. Zet beeldstabilisatie uit en gebruik alleen het middelste focuspunt. Stel scherp op het kleine vierkantje en maak een foto. Vervolgens controleer je de uitkomst (zie de volgende pagina).

Samengevat in 11 stappen doe je het volgende:

  1. Plaats de Lenscal op een platte ondergrond of een statief. Zorg dat deze 100% vlak staat.
  2. Zet de camera op exact dezelfde hoogte (bij voorkeur op een statief).
  3. De afstand tot de camera is afhankelijk van de brandpuntsafstand. Ga uit van 10x de brandpuntsafstand.
  4. Zet je camera in de A-stand en kiest de laagst mogelijke waarde (bijvoorbeeld f2.8)
  5. Als je zoomlens gebruikt, zoom dan maximaal in. Dit is de standaardmethode – je kunt eventueel later ook andere brandpuntsafstanden testen.
  6. Zet autofocus van de camera op het middelste focuspunt
  7. Zet beeldstabilisatie uit
  8. Focus op het kleine vierkantje links van de 0 lijn.
  9. Maak een foto.
  10. Controleer de foto door volledig in te zoomen op het lcd-scherm (of nog beter: op een computer)
  11. Calibreer je camera

Nadat je testfoto’s hebt gemaakt, moet je de uitkomsten analyseren. Dat moet met het blote oog (er bestaat helaas nog geen analyse-software). Dit kun je doen door op het lcd-scherm in te zoomen op de foto, maar het is nog beter om de foto’s in groot formaat op een computermonitor te bekijken. Het kleine vierkant en de 0 moeten scherp zijn.  Of dat zo is kun je goed bepalen door naar de lineaal te kijken. Je ziet dan niet alleen of de 0 scherp is, maar ook waar het scherptevlak begint en eindigt.

In de onderstaande foto is bijvoorbeeld sprake van frontfocus. De 0 is redelijk scherp, maar niet helemaal. Direct na de 0 wordt het onscherp, terwijl het deel tussen de 1 en de 0 het scherpte gebied is. De camera-lens combinatie focust iets voor het onderwerp. Als de 1 achter de scherper was geweest, was er sprake van backfocus.

Hier is sprake van frontfocus. De focus ligt vòòr het focuspunt.

Vervolgens moet je de bewuste lensafwijking toevoegen aan je camera. Hoe dat gaat zie je op de volgende pagina. Op de foto hieronder zie je het resultaat na de calibratie. De 0 is nu goed scherp. Het scherptevlak lijkt precies tussen +1 en -1 te liggen.

Na calibratie focust de camera-lens combinatie wel goed

Groothoek

Het calibreren van telelenzen is overigens een stuk makkelijker dan (extreme) groothoeklenzen. Hoe groter de hoek, hoe lastiger het is om nauwkeurig scherp te stellen. En als je inzoomt is het resultaat ook een stuk kleiner. Maar alles vanaf 24mm (fullframe) is wel te doen.

De meeste moderne camera’s (behalve de absolute instappers) bevatten tegenwoordig een mogelijkheid om de autofocus voor een bepaalde lens te calibreren. Meestal kan dit per lens, maar het is ook mogelijk om een correctie voor alle lenzen te gebruiken.

Op het plaatje hieronder zie je het menu van de Canon 5D Mark III waar calibratie mogelijk is via het menu AF-fijnafstelling. In ons geval hebben we een 70-200mm f2.8 L IS als voorbeeld gebruikt. Bij de 5D Mark III is het mogelijk om zowel de kortste (W) als de langste (T) brandpuntsafstand te calibreren. Het is dan ook aan te raden om beide te testen.

De fijnafstelling kan heel nauwkeurig worden bepaald, in dit geval van -20 tot +20. De minwaarden is om backfocus te corrigeren (door de camera dichterbij te laten scherpstellen) en de pluswaarden zijn voor de frontfocus. Wat de beste waarde is zul je in de praktijk moeten testen. Over het algemeen is het handig om in stapjes van 5 te werken, maar om te kijken hoe groot het verschil is kun je beginnen met een testopname van -10 en +20.

In het uitzonderlijke geval dat je twee dezelfde lenzen hebt, kun je ook meerdere exemplaren calibreren. Na de calibratie onthoudt de camera welke lens je precies gebruikt hebt. Dit werkt ook met lenzen van een andere leverancier, zoals Tamron, Tokina of Sigma. De camera kan via de contactpunten uitlezen welke brandpuntsafstanden de lens ondersteunt. Gebruik je bijvoorbeeld een Tokina 10-17mm, dan zal hij deze lens aanduiden als 10-17mm.

De Datacolor Lenscal is een handig hulpmiddel om op grondige wijze de afwijking van je lenzen te testen. Het ding neemt plat weinig ruimte in beslag en is zo gemaakt dat je makkelijk kunt scherpstellen en dat de lineaal 45 graden gekanteld is. Ook bevat hij een statiefaansluiting en zelfs een ingebouwde waterpas (als hulpmiddel om te controleren of deze 100% vlak staat). Het concept is handig uitgedacht en voorziet in een behoefte.

Aan de andere kant is de Lenscal wel relatief prijzen. De winkelprijzen liggen rond de € 50 en dat is voor een ‘stuk plastic’ met statiefaansluiting toch wel erg prijzig. Het testen zelf gaat ook wel met een DIY oplossing (zoals eerder beschreven in dit artikel). Het punt is alleen dat een DIY testkaart iets minder secuur is doordat de foutmarge groter is. Het is bijvoorbeeld wat lastiger om een camera exact in een hoek van 45 graden te positioneren. Maar zeker niet onmogelijk.

Pluspunten

  • Zeer compact
  • Handige constructie (45 graden lineaal)
  • Statiefaansluiting
  • Ingebouwde waterpas
  • Snelle en eenvoudige methode

Minpunten

  • Prijzig
  • Geen analyse-software

De Lenscal is vooral geschikt voor fotografen die er helemaal zeker van willen zijn dat hun apparatuur goed gecalibreerd is (en dit regelmatig doen). En voor wie veel met verschillende lenzen werkt, bijvoorbeeld in een studio-omgeving. Ook voor fotografen die met enige regelmaat lenzen huren is de Lenscal een handig hulpmiddel om deze voor een shoot netjes af te stellen.

Hoe dan ook is lenscalibratie nuttig om uit te voeren. We zijn erg benieuwd of jij dat al eens hebt gedaan en of je weet of jouw lenzen (geen) last hebben van front- of backfocus.

Pin It
redactie
redactie