Olympus E-5 review

Door -

Wie de Olympus E-5 naast de drie jaar oudere E-3 (eind 2007) houdt, zal op het eerste oog weinig verschil zien. Wat de extreem schok- en weerbestendige behuizing betreft, lijken de twee camera’s zelfs als twee druppels water op elkaar. Toch zijn er in de E-5 flink wat verbeteringen aangebracht. Is het ook een aanschaf waard?

Pas als de achterzijde wat nauwkeuriger bekeken wordt, blijkt dat er wel degelijk verschillen zijn. Dan valt op dat diverse knoppen van plaats zijn veranderd en dat het er een stuk minder zijn geworden. De oorzaak is ook meteen duidelijk: het uitklapbare en draaibare scherm is een stuk groter geworden. Vandaar dat alles noodgedwongen een nieuw plekje heeft gekregen. Het nieuwe scherm meet drie inch en heeft 920.000 beeldpunten (in plaats van 2,5 inch met 230.000 pixels). Het is daardoor beter af te lezen, ook in fel (zon)licht. Verder zien de menu’s er dankzij de hogere resolutie mooier uit en zijn de letters strakker vormgegeven. Schuine lijnen ogen nu niet meer ‘brokkelig’. De menu’s hebben hier en daar een kleurtje gekregen en enkele opties zijn van plaats veranderd, maar verder is de opzet hetzelfde gebleven.

De Olympus E-3 en E-5 zien er vooral aan de voorzijde identiek uit. Aan de achterzijde zijn wel verschillen zichtbaar

Algemeen
 
Merk Olympus
Productnaam E-5 Body
Productcode N4279292
Details Productinfo
Specificaties
Type camera Spiegelreflex
Ingebouwde flitser
Automatisch scherpstellen
Handmatig scherpstellen
Automatische belichting
Intern geheugen 0 MB
Sensor
Resolutie 12.3 MPixel
Max. fotoresolutie (horizontaal) 4032 pixels
Max. fotoresolutie (verticaal) 3024 pixels
Beeld
Foto’s – JPEG
Foto’s – RAW
Rode ogen-reductie
Beeldstabilisatie Optisch
Automatische witbalans
ISO gevoeligheid minimaal 100
ISO gevoeligheid maximaal 6400
Beeldscherm / zoeker
Type beeldscherm TFT
Beeldschermdiagonaal 2.7 inch
Live view
Aansluitingen
PictBridge compatible
USB 2.0 aansluiting
HDMI-aansluiting
Fysieke eigenschappen
Afmetingen – Hoogte 11.65 cm
Afmetingen – Breedte 14.25 cm
Afmetingen – Diepte 7.45 cm
Gewicht 800 gram
Opslag
Secure Digital
Video eigenschappen
Video opnemen
Max. videoresolutie (horizontaal) 1280 pixels
Max. videoresolutie (verticaal) 720 pixels

De grootste veranderingen vinden we bij de E-5 aan de binnenzijde. Want dit nieuwe model heeft wel degelijk een aardige opknapbeurt gekregen. Zo is er een nieuwe sensor geplaatst met een resolutie van 12,3 megapixels (4032×3024 pixels), terwijl de E-3 slechts 10,1 megapixels aan boord heeft. Geen spectaculaire stijging dus, maar Olympus heeft lang geleden al aangegeven niet meer aan de megapixel race mee te willen doen. Nu is dat ook weer niet zo verwonderlijk, want alle spiegelreflexcamera’s van Olympus voldoen aan de Four Thirds standaard en dit houdt onder andere in dat de sensoren een cropfactor van twee hebben. Het formaat van de sensor is de helft vergeleken met fullframe (oftewel kleinbeeldcamera’s). Bij een kleine sensor loopt een fabrikant eerder tegen technische grenzen aan. De meeste andere fabrikanten gebruiken grotere APS-C sensoren en die bieden een stuk meer rek. Het niet meer mee (willen) doen lijkt dan ook eerder noodgedwongen dan een nobel streven.

Testfoto met hieronder een uitsnede van het beeld van de E-3, E-5 en Canon EOS 5D Mark II (als referentie)

Olympus E-3 vs E-5

De foto van de Olympus E-5 (ga met de muis op de foto staan) is gedetailleerder en scherper dan de E-3 (standaard weergave), maar verliest het van de Canon 5D Mark II (onder).

Olympus E-5 vs Canon 5D Mark II

De foto van de Olympus E-5 (midden) is gedetailleerder en scherper dan de E-3 (boven), maar verliest het van de Canon 5D Mark II (onder).

De Olympus E-5 is een oerdegelijke, stootvaste en weerbestendige camera met bijzonder veel mogelijkheden aan boord. De camera is snel (zowel scherpstellen als beelden per seconde) en de foto’s zijn – mits de ISO in bedwang wordt gehouden – van hoge kwaliteit. De E-5 is zeker geen revolutionair nieuwe camera, maar eerder een op een flink aantal punten verbeterde E-3. Wie al een E-3 in huis heeft, hoeft niet halsoverkop naar de winkel te rennen om deze te vervangen door een E-5. Staat de E-3 echter op het punt de geest te geven, dan is overstappen op de E-5 een goede optie. Ook voor wie één van de andere Olympus spiegelreflexen gebruikt en daarop is uitgekeken, of gewoon op zoek is naar een extra (tweede) body, is de E-5 een prima keuze. Het is wel een behoorlijk dure camera, vooral in verhouding tot topmodellen zoals de Canon 5D Mark II en de Nikon D700 die ook nog eens fullframe zijn.

Voor wie momenteel een ander merk gebruikt, is een overstap naar Olympus geen voor de hand liggende keuze. De fabrikant heeft te kennen gegeven dat er geen nieuwe objectieven voor Four Thirds gemaakt worden en het ziet ernaar uit dat de E-5 de laatste spiegelreflex in de huidige vorm is van Olympus. Het is de verwachting dat de fabrikant zich vanaf nu volledig op Micro Four Thirds richt en – op termijn – ook met (semi)professionele camera’s komt. Deze toekomstbestendigheid drukt de eindscore naar beneden.

Pluspunten

+ Verbeterde beeldkwaliteit

+ Nieuwe functionaliteiten

+ Hoge snelheid en robuuste behuizing is behouden

+ Groter en beter afleesbaar scherm

Minpunten

– Onzekere toekomst Olympus lenzen en spiegelreflexen

– Hoge prijs

– Plaatsing lichtsensor

– Geen Full HD

SPECIFICATIES


BEELDKWALITEIT

PRESTATIES

EINDOORDEEL


Allerlei snufjes die we in camera’s tegenkomen die na de Olympus E-3 zijn uitgekomen, zijn nu ook op de E-5 aanwezig. Zoals een elektronisch waterpas. Erg handig. Op het grote scherm is zowel de horizontale als de verticale afwijking te zien. Door de zoeker alleen de horizontale as en daar wordt het balkje van de belichtingscompensatie voor gebruikt. Zodra de ontspanknop halverwege ingedrukt wordt gehouden, springt de weergave na een tijdje over van belichtingscompensatie (of lichtmeting in de M-stand) naar waterpas. Geen overbodige luxe, want een camera wordt al snel een tikje schuin gehouden. Vooral wanneer vanuit een hoek op een onderwerp wordt gericht en er geen rechte lijnen in beeld zijn die als referentie dienen. De statusinformatie die de zoeker toont is trouwens erg compleet. Net als op de E-3 zijn echt alle belangrijke fotografische instellingen in een oogopslag te zien. Zoals sluitertijd, diafragma, iso-waarde, witbalans, lichtmeetmethode, belichtingscompensatie, bracketing en nog veel meer. Ook het kleine LCD-scherm bovenop het toestel en uiteraard het grote scherm achterop barst van de informatie.

Eindelijk is goed te zien welke instellingen met de draaiwielen zijn te wijzigen

Net als de E-3 is de E-5 zeer weerbestendig. Een regenbuitje doet hem niets.

Sensor voor omgevingslicht

De lichtsensor die het omgevingslicht meet, zodat de intensiteit van de schermverlichting optimaal kan worden bijgesteld, zit niet meer in een hoekje van het uitklapbare scherm weggestopt, maar heeft op de E-5 een prominente plek pal onder de zoeker gekregen. Het lijkt hierdoor op een sensor die het scherm uitschakelt zodra het gezicht de zoeker nadert, maar dat is dus niet het geval. Een groot nadeel van de nieuwe locatie is dat de meting van de lichtsensor nu losstaat van de stand van het beeldscherm. In de praktijk blijkt dit een stuk minder efficiënt te werken. Zoals wanneer het scherm achterstevoren gedraaid wordt voor een zelfportret, of horizontaal bij het innemen van een laag standpunt of het maken van een ‘hipshot’. Er valt dan veel omgevingslicht op het scherm, terwijl de sensor onder de zoeker dit niet opmerkt, met als gevolg dat het beeldscherm veel te donker blijft en slecht is af te lezen.

Batterijstatus

Een klein detail dat we toch willen vermelden, is dat het pictogram van de batterijstatus op de E-5 continu te zien is. Zowel door de zoeker als op het kleine LCD-paneel aan de bovenzijde. Op de E-3 verdwijnt dit tekentje na verloop van tijd en het is toch even wennen voor wie de status graag in het oog houdt. Op het beeldscherm is het gedrag hetzelfde gebleven, daarop dooft het nog steeds na een tijdje uit.

Bladeren door foto’s

Een leuke verbetering die in de praktijk erg fijn werkt, is dat op de E-5 razendsnel door gemaakte foto’s is te bladeren door het wijsvingerwieltje te gebruiken (het draaiwiel aan de voorzijde; er is ook nog een duimwiel aan de achterzijde). Net zoals we dat kennen van het grote draaiwiel dat op veel Canon camera’s is te vinden. Op de E-3 en andere Olympus spiegelreflexen waren daar de pijltjestoetsen voor nodig. Dit kan op de E-5 overigens nog steeds.

Verbeterde Live View

Vergeleken met de E-3 is Live View op de E-5 aanzienlijk verbeterd. Dat kan ook niet anders, want bij de Olympus PEN-serie moet via het scherm gewerkt worden en Live View is om die reden de afgelopen jaren flink doorontwikkeld. Allereerst is nu eindelijk contrast AF toegevoegd, zodat de spiegel niet meer hoeft te klapperen om de camera te laten scherpstellen. Wel gaat dit een stuk langzamer dan wanneer er via de zoeker gewerkt wordt, maar dat zijn we gewend van spiegelreflexcamera’s. Via de zoeker vindt scherpstellen plaats met speciale AF-sensoren (bij de E-5 zijn dat er elf stuks) en dat gaat razendsnel. In Live View zijn deze sensoren helaas niet zomaar te gebruiken, behalve door Live View tijdelijke eventjes te verlaten. Dat werkt echter flink vertragend. Een extra voordeel van contrast AF, is dat het scherpstelpunt nagenoeg overal op het scherm geplaatst kan worden. Vooral bij het werken vanaf statief is dit erg handig en het voorkomt dat steeds opnieuw herkaderd moet worden.

In Live View wil het scherm nog wel eens nerveus knipperen, maar dat gebeurt alleen onder kunstverlichting. Het beeldscherm is gedetailleerd, scherp, mooi van kleur en ververst razendsnel. Bij de E-3 reageerde het scherm traag op camerabewegingen. Vooral bij snelle panbewegingen leek het op dikke stroop. Heel prettig is dat bij de E-5 gewoon de ontspanknop half ingedrukt kan worden om scherp te stellen in Live View. Er hoeft dus geen afwijkende knop gebruikt te worden. Na het scherpstellen is doordrukken van de ontspanknop voldoende om meteen een foto te maken. De reactietijd blijft zodoende lekker kort. Ook gezichtsherkenning is aan de camera toegevoegd. Een kader blijft netjes een of meer gezichten volgen en afhankelijk van de camerastand kan er automatisch op worden scherpgesteld.

 

Het draaibare en kantelbare scherm werkt erg prettig


De E-3 kan foto’s maken. De E-5 kan ook filmen. Dat kan in SD (standaard formaat, 640×480) en HD (1280×720) met dertig beeldjes per seconde. Full HD zit er helaas niet op en dat is voor wat het topmodel van dit merk moet zijn toch wel erg jammer. De belichting kan zowel automatisch als handmatig worden ingesteld. Starten en stoppen met filmen kan met de knop aan de achterzijde waarmee normaalgesproken het AF-punt gekozen wordt. Die functie is in Live View dus naar een andere plek verhuisd. Dat verhuizen van vitale camerafuncties tijdens Live View doen meer fabrikanten en dat is erg verwarrend. Het is veel handiger als alle essentiële functies nu eindelijk eens een rotsvaste plek krijgen toegewezen, ongeacht de camerastand waarin gewerkt wordt.

Tijdens het filmen kan door het indrukken van de ontspanknop een foto gemaakt worden. Helaas begint de camera dan meteen scherp te stellen. Daardoor zit er een flinke vertraging voordat de foto daadwerkelijk gemaakt wordt, maar veel erger: het hele proces van scherpstellen (contrast AF) is tot in detail in de film te zien! Het is wel op te lossen, namelijk door het automatische scherpstellen (tijdelijk) uit te schakelen, of door het aan een andere knop toe te kennen. Na het maken van de foto gaat de film verder, maar wel in een nieuw bestand. Jammer dat de film niet al voor het scherpstellen wordt afgebroken.

Supersnelle actie

De repeterende stand van de E-5 is snel. Net als op de E-3 kunnen er tot vijf beelden per seconde geschoten worden. Dat is vaak veel te veel van het goede en lang niet in alle situaties wenselijk. Gelukkig is het – je raad het al – via het menu instelbaar, met keuze uit één tot vier beelden per seconde. De camera reageert trouwens zo snel op de ontspanknop, dat het soms lastig is om maar één opname te maken. In omstandigheden waarbij de ontspanknop behoedzaam moet worden ingedrukt (bijvoorbeeld om trillingen bij lange sluitertijden te voorkomen) kan beter de niet-repeterende stand ingesteld worden.

Snel scherpstellen en afdrukken is met de E-5 geen probleem.

Beeldverhouding en stabilisatie

Naast de standaard beeldverhouding 4:3 kan nu ook voor 16:9, 3:2, 6:6, 5:4, 7:6, 6:5, 7:5 of 3:4 gekozen worden. Uiteraard zit er maar één beeldsensor in de camera, dus houdt dit niet meer in dan het bijsnijden van de foto door de camerasoftware. Er is daarom een (soms fors) verlies aan pixels en het kan net zo goed (of zelfs beter) achteraf in een fotobewerker gebeuren. Bij werken in raw blijft de beelddata uiteraard wel intact (oftewel altijd 4:3 formaat), maar kan in Live View dankzij een kader alvast rekening gehouden worden met een bepaalde beelduitsnede. Ook de software die Olympus meelevert zal dit kader tonen. Door de optische zoeker is helaas geen kader te zien.

Wat beeldstabilisatie betreft is IS3 toegevoegd voor compensatie van trillingen tijdens het meetrekken in de portretstand. Al op de E-3 aanwezig was IS1 voor correctie van zowel horizontale als verticale trillingen en IS2 bedoeld voor horizontaal meetrekken. Olympus gebruikt sensorverschuiving voor zijn beeldstabilisatie, zodat het met alle lenzen werkt die voor dit systeem gemaakt zijn. Voor niet ondersteunde lenzen kan de brandpuntsafstand ingesteld worden om stabilisatie alsnog werkend te krijgen.

De beeldverhouding is 4:3 en er is meer scherptediepte dankzij de cropfactor van twee (tweede foto: Canon 5D mark II, identieke belichting, vignettering is van fotograferen door hekwerk).

Net als de E-3 heeft de E-5 geen grote draaiknop bovenop het toestel zitten waarmee de camerastand ingesteld kan worden. Het kiezen van een stand en het aanpassen van diverse andere functies gebeurt door een knop in te drukken en vervolgens aan één van de twee wieltjes (duimwiel en wijsvingerwiel) te draaien. Op de E-3 wordt dan het zogeheten ‘superbedieningspaneel’ getoond en daarop is niet altijd even duidelijk te zien met welke draaiknop je nu wat instelt. Erg verwarrend en een vergissing was altijd snel gemaakt. Op de E-5 wordt de functie de met het voorste draaiwiel aanpast wordt bovenin een verder leeg scherm getoond en dat van het achterste draaiwieltje helemaal onderaan, zodat altijd meteen duidelijk is wat welk wiel doet. Een kleine, maar nuttige verbetering dus.

Eindelijk is goed te zien welke instellingen met de draaiwielen zijn te wijzigen

Overbodige snufjes

Van een aantal nieuwe opties is het de vraag of de voornaamste doelgroep van een camera zoals de Olympus E-5 erop zit te wachten. Zoals meervoudige belichting, waarbij tot maar liefst vier opnamen in één foto gecombineerd kunnen worden. Tijdens Live View blijft de eerste opname als een soort ‘spookbeeld’ op het scherm staan, wat het maken van de compositie vereenvoudigt. Ook kunnen eerder gemaakte opnamen gebruikt worden bij het samenvoegen. Op zich kan het leuke effecten geven, maar als fotograaf heb je weinig grip op het eindresultaat. Het gebruik van lagen en maskers in een beeldbewerker zoals Photoshop voor dit doel ligt meer voor de hand.

Ook zijn er allerlei creatieve filters aan de camera toegevoegd, iets wat wij bij een (semi)professioneel toestel zoals de E-5 niet echt verwacht hadden. Ze worden op deze camera fotofuncties genoemd. Enkele voorbeelden zijn popart, soft-focus, korrelige film, pinhole, cross-process en dramatische toon. Het zou Olympus niet zijn als elk van deze filters via het menu niet alsnog is uit te schakelen.

De E-5 beschikt over creatieve filters. Maar doet de pro dit niet in Photoshop?

CompactFlash en SDXC

Wat geheugenkaartjes betreft is er goed nieuws. Olympus heeft eindelijk het xD-slot geschrapt en op de E-5 is nu naast een CF-slot (Compact Flash) ook een SD-slot te vinden. Dat zijn toch wel de twee meest gangbare geheugensoorten op dit moment. De camera kan overweg met SD, maar ook met SDHC en zelfs met het moderne SDXC.

De E-5 slikt CF en SD(HC/XC)

Draadloos flitsen

Net als de E-3 kan ook de E-5 draadloos groepen flitsers aansturen, door gebruik te maken van de uitklapbare, interne flitser en het versturen van instructies via een voorflits. De interne flitser kan ook zelfstandig gebruikt worden. Doordat deze vrij hoog boven het toestel uitklapt, ontstaan minder snel rode ogen.

De lichtgevoeligheid van de E-5 is instelbaar van 100 tot 6400 ISO. Die bovengrens is wel wat ambitieus. Bij ISO 1600 zien de foto’s er nog best aardig uit, maar bij hogere ISO’s valt de ruis erg op. Dat het nog zo lang goed gaat, is vooral te danken aan de verbeterde ruisonderdrukking in dit toestel. Als we de raw-beelden bekijken is daar behoorlijk veel ruis in aanwezig, zowel luminantieruis (monochromatische ruis) als het lastiger te verwijderen kleurruis (chromatische ruis). De ruisonderdrukking weet dit dus goed weg te poetsen. Op de E-3 is ruis een stuk nadrukkelijker aanwezig. De E-5 heeft meer ruis maar ook meer detaillering, zodat de beelden er ‘onder de streep’ beter uitzien.

Zoals verwacht blijft het een nadeel van Four Thirds dat de camera’s extra gevoelig zijn voor ruis. Een camera met een sensor van dit formaat zal het nooit winnen van camera’s met (aanzienlijk) grotere sensoren. Als een brandmerk komt dit aspect telkens naar boven drijven. Weinig licht is gewoon niet de specialiteit van dit type camera. Gelukkig heeft niet iedereen uitmuntende prestaties in lichtarme omstandigheden nodig en dan is de E-5 een razendsnelle camera die beelden van hoge kwaliteit aflevert.

E5 ISO 3200

In raw, zonder enige ruisreductie, is het verschil in beeldkwaliteit tussen de E-3 en de E-5 niet bijster groot. Bij kant-en-klare JPEG’s uit de camera is het effect van de verbeterde ruisreductie wel te zien.

Olympus E-3 vs E-5 (ISO 3200)

De E3 (standaard) vergeleken met de E5 (beweeg de muis over de foto). De ISO 3200-stand (RAW) van de E5 is duidelijk verbeterd ten opzichte van zijn voorganger, als is ruis nog steeds duidelijk zichtbaar. 

Olympus E-5 vs Canon 5D Mark II (ISO 3200)


Het verschil tussen de E5 (standaard) en de Canon 5D Mark II (mouse-over) op ISO 3200 is vrij groot. (RAW)

Olympus E-5 vs Canon 5D Mark II (ISO 6400)


En op ISO 6400 (RAW) is dat verschil nog duidelijker.

FotoVideo.nu gebruikt voor camera- en lenzentests verschillende testkaarten en -opstellingen. De resultaten bekijken we met behulp van verschillende softwaretitels. Op die manier is het bijvoorbeeld mogelijk om beelden naast elkaar te leggen en eenvoudig verschil in kwaliteit te kunnen zien. Voor complexere zaken, zoals kleurafwijkingen, die nauwelijks objectief met het blote oog zijn waar te nemen gebruiken we professionele testsoftware die ook in de cameraindustrie gangbaar is: Imatest. De uitkomsten zijn redelijk wetenschappelijk en daardoor niet voor iedereen begrijpelijk en interessant, maar voor de volledigheid publiceren we ze erbij.

Afwijkingen

Via een kleurenkaart is zo te zien welke kleurafwijkingen een camera vertoont. Belangrijk om te weten is dat iedere camera kleurafwijkingen vertoond. Dat ligt zowel aan de sensor als aan de beeldprocessor en gebruikte algortimes. Ook passen camerafabrikanten ongevraagd allerlei beeldeffecten toe, zoals een hogere mate van kleurverzadiging (wat mooi wordt gevonden) en verscherping. Voor de test gebruiken we raw-foto’s die onbewerkt zijn omgezet naar jpeg. Als je op de kleurenkaart hierboven gaat staan met de muis zie je dat ook de lichtgevoeligheid van de sensor een grote impact heeft op de kleurwaarden. Op hogere ISO’s neemt de kleurenintensiteit af en ontstaat er ruis. In het centrum van een kleurenvlak zie je de kleur zoals die officieel zou moeten zijn – aangepast op de gebruikte kleurtemperatuur van de camera, die beïnvloed wordt door omgevingslicht. In het kleine vlakje rechts in het centrum zie je de oorspronkelijke kleur zonder correctie. 

De waarden uit de eerste illustratie worden vertaald naar de tweede kleurgrafiek, waarop de afwijking duidelijker naar voren komt. Het vierkantje toont de waarde zoals deze zou moeten zijn en het rondje toont de afwijking van de camera. Des te verder het rondje van het vierkantje staat, des te groter de afwijking is. We zien dat de grijstinten (in het midden) redelijk dicht bij de werkelijke waarde zitten. Met name in het oranje- en cyaan-kleurgebied is bij de E-5 een lichte afwijking te zien. Die afwijking versterkt licht op hogere ISO’s. Een hoop cijfers en grafieken om te constateren dat het met de kleuren wel snor zit. Ten opzichte van de E-3 is een lichte verbetering zichtbaar wat betreft de accuratesse van de kleurweergave. De afwijking in de kleurverzadiging is met +3,4% erg netjes.

Pin It

is zelfstandig tekstschrijver en fotograaf. Hij schrijft en fotografeert voor uiteenlopende bedrijven en diverse fotografie- en computerbladen. Verder is hij auteur van de boeken Licht en belichting en Kinderen in de fotografiereeks van Pearson Education. Spannende verhalen schrijft hij ook graag en er staan inmiddels diverse publicaties op zijn naam.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *