Preview Sony a65 en a77 SLT-camera’s

Door -

De a77 biedt de beste specificaties van de twee nieuwe telgen. De sensor van de a77 kan standaard overweg met lichtgevoeligheden van 100-16.000 (en optioneel ook nog met ISO 50 en 25.600). De OLED-zoeker biedt 2.359.000 dots (effectief 1024×768 pixels: XGA) en toont het gehele frame (100% zoekerweergave). Daarmee vestigt Sony voor dit moment een record wat betreft de resolutie van elektronische zoekers. Volgens Sony zijn instellingen, zoals belichtingscompensatie en de witbalans, ook direct zichtbaar in de zoeker. Het is bovendien mogelijk om digitaal in te zoomen (1,4x tot 2x) om nauwkeurig te kunnen scherpstellen.

Als opvolger van de (inmiddels bejaarde) a700 is de a77 voorzien van een hoop extra’s. Onder het bereik van je vingers zitten verschillende knoppen en op het lcd-scherm aan de bovenkant kun je de belangrijkste informatie aflezen. De body heeft een magnesium legering en kan dus tegen een stootje (wat een voordeel is ten opzichte van plastic bodies). Ook beschikt de a77 over stof- en waterbestendige afdichtingen. De sluiter gaat minimaal 150.000 foto’s mee. De camera biedt verder een maximale sluitertijd van 1/8000e seconde en een flitssynchronisatie van 1/250e. Ook is de a77, net als de a55, standaard voorzien van een on-board gps chip, waardoor foto’s en video’s automatisch voorzien worden van geografische data.

De a77 wordt als kit geleverd in combinatie met het nieuwe lichtsterke SAL1650 objectief (16-50mm f2.8). Net als de camera is dit objectief voorzien van stof- en waterbestendige afdichtingen zodat hij een ideale combinatie vormt met de a77. Optioneel is er ook een grip beschikbaar (de VG-C77AM) die eveneens weerbestendig is en plaats biedt voor twee accu’s. Met twee NP-FM500H accu’s zou de camera’s 1060 foto’s kunnen maken (via de monitor).

De Alpha 65 lijkt in veel opzichten op zijn grote broer maar is iets kleiner. Ook wordt hij geleverd met de standaard 18-55 f3.5-5.6 kitlens. Dezelfde sensor is aan boord, die eveneens met de hoge gevoeligheden van ISO 16.000 (en optioneel ook 25.600) overweg kan. De ISO 50-stand wordt niet ondersteund. Ook de EVF is identiek. De a65 mist echter de weathersealing van de a77 en is dus beduidend minder bestand tegen vocht en stof.

Het lcd-scherm beschikt over twee assen en is daardoor niet zo veelzijdig als het exemplaar van de a77. Ook beschikt de a65 over 15 AF-punten, waarvan er slechts drie (in plaats van elf) kruislingsgevoelig zijn. Ook biedt de a65 geen sluitertijd van 1/8000e, maar stopt hij bij het meer gangbare 1/4000e. Beide camera’s beschikken over SteadyShot Inside, oftewel beeldstabilisatie in de body (in tegenstelling tot de NEX-7).

Sony heeft vandaag een aantal nieuwe camera’s aangekondigd, waaronder haar nieuwe prosumer topmodel (de a77). De Alpha 65 en 77 camera’s zijn beide voorzien van een 24,3 CMOS sensor en beschikken volgens Sony over ‘s werelds snelste autofocus tijdens het maken van een reeks foto’s. De a65 kan 10 foto’s per seconde schieten op volle resolutie, terwijl de a77 zelfs 12 beelden produceert met behoud van autofocus. Hiermee maakt Sony indirect een lange neus richting Canon en Nikon, die momenteel niet verder komen dan respectievelijk 9 en 10 foto’s per seconde met hun professionele modellen van duizenden euro’s (N.B. de Nikon D3 haalt 11 fps, maar zonder AF tracking).

De Sony Alpha 77 en de Alpha 65 (ga met de muis op de afbeelding staan)

Een opsomming van de belangrijkste specificaties:

  • 12 fps (a77) en 10 fps (a65) met behoud van fasedetectie autofocus
  • Nieuw AF-systeem met 19 punten en 11 kruislingsgevoelige punten (a77) (a65: 15 punten waarvan 3 kruislings gevoelig)
  • 24,3 APS HD CMOS sensor
  • Verbeterde BIONZ beeldprocessor
  • XGA OLED elektronische zoeker (EVF)
  • Quick AF Full HD video, gecompatible met AVCHD Progressive
  • Volledige P/A/S/M belichtingscontrole in de handmatische focusmodus (video)
  • Kantelbaar drie-assig lcd-scherm (a77)
  • Weathersealing (a77)

Alleen al de specificaties zijn zeer indrukwekkend, simpelweg omdat er niets vergelijkbaars is in dit prijssegment. De specificaties liggen op professioneel niveau, terwijl Sony zich richt op de gevorderde amateurs en prosumers met deze twee camera’s. Het grote verschil met de professionele reflexen van Canon en Nikon is dat Sony 24 megapixels op een APS-C sensor gepropt heeft, terwijl de twee marktleiders de markt bedienen met full frame sensoren (die een betere signaal-ruisverhouding bieden en in principe ook minder ruis). Wat het verschil in beeldkwaliteit concreet is, zullen we in de praktijk moeten testen. Een ander verschil – dat vooral voor huidige spiegelreflexbezitters een minpunt kan zijn – is het gebuik van elektronische zoeker in plaats van optische. Allereerst reageren die altijd minder vlot dan een optische zoeker en kan dit in het pikdonker tot problemen leiden, omdat het signaal dan extreem versterkt moet worden om nog iets te kunnen zien.

Speciaal voor de a77 heeft Sony een 16-50 f2.8 objectief aangekondigd. Los kost deze 700 euro.
In combinatie met de a77 is de meerprijs 600 euro.

Het lcd-scherm meet 7,5 cm, wat qua afmetingen zeer gebruikelijk is, in combinatie met een resolutie van 921.000 dots. De voorgaande Alpha’s hadden ook al een kantelbaar scherm, maar de a77 gaat nog een paar stappen verder. Het scherm kan draaien en kantelen dankzij drie assen en kan daarnaast simpel omhoog of omlaag gericht worden. De a65 beschikt over twee assen, waardoor het je lcd-scherm alleen naar beneden kunt uitklappen (het scherm is wel kantelbaar, zodat je van bovenaf op het scherm kunt kijken).

Er zijn meer camera’s met lcd-schermen die zowel horizontaal als vertikaal kunnen kantelen (zoals de Canon 60D en 600D en de Nikon D5100), maar het concept van Sony is uniek. Dat komt omdat je het scherm ook naar boven of beneden kunt kantelen aan de achterzijde van de camera, zonder dat het scherm aan de linkerzijde uitsteekt. Dat is vooral makkelijk wanneer je boven je hoofd op op de grond wilt fotograferen, zonder direct het scherm helemaal  uit te klappen.

Om de techniek achter de a65 en a77 goed te kunnen plaatsen, kort iets over het unieke spiegelsysteem. Beide camera’s zijn, net als de a35 en a55, in principe spiegelreflexcamera’s in plaats van systeemcamera’s, maar er is één belangrijk verschil met een traditionele spiegelreflexcamera’s zoals die van Canon en Nikon of de a580 en a900 van Sony zelf.

Sony maakt gebruik van een zogenaamde ‘translucent’ ofwel doorschijnende spiegel, waardoor het concept ook wel SLT wordt genoemd in plaats van SLR. De R staat immers voor reflex en juist dat ontbreekt in dit geval. De spiegel die Sony gebruikt zit vast en klapt niet op en neer. Op toch te kunnen autofocussen is de spiegel halfdoorlatend (translucent) en laat dus direct licht door naar de sensor. Tegelijkertijd blijft de autofocus intact, doordat de autofocussensoren direct hebben met de lens via de spiegel. Het voordeel van dit concept is dat de camera daar erg snel van wordt. De spiegel hoeft niet meer op en neer te klappen, waardoor er meer beelden per seconden kunnen worden vastgelegd.

Het nadeel van dit concept is dat er een elektronische zoeker wordt gebruikt in plaats van een optische. Net zoals bij een systeemcamera is het spiegelhuis dus verdwenen en dat scheelt heel veel ruimte (waardoor de camera’s kleiner zijn dan een traditionele spiegelreflex). Verder gaat 30% van het binnengekomen licht verloren door de halfdoorlatende spiegel. In de zoeker heb je daar geen last van doordat de gevoeligheid simpelweg elektronisch wordt versterkt (een optische zoeker zou aanmerkelijk donkerder worden door dit concept). Het betekent wel dat de camera in de auto-ISO-stand ter compensatie sneller voor hogere ISO-standen zal kiezen. 

Het SLT-concept met vaste spiegel in beeld

Voordat we ook maar iets zeggen over de beeldkwaliteit is het belangrijk om te benadrukken dat de getestte Alpha 65 en 77 pre-productiemodellen waren. Oftewel de lichting voordat alle onderdelen helemaal definitief zijn en de massaproductie start. Het uiteindelijke product kan – ook dankzij verbeteringen in de firmware – anders presteren. 

Dat gezegd hebbende, geven de pre-productiecamera’s wel een concrete indruk van de prestatie van de 24 megapixel-sensor en de verbeterde Bionz-beeldprocessor. Daarom tonen we je een aantal testfoto’s, inclusief commentaar van onze kant.

ISO 100

De onderstaande foto is gemaakt tijdens een stuntshow met een professionele Sony 70-400 f4-5.6 (@250mm) telelens. De lichtgevoeligheid was ISO 100. Hieronder zie je een crop van de originele foto. Deze toont behoorlijke details.

Uitsnede van ISO 100-foto (ga met de muis op de foto staan voor een bewerkte versie)

Maar een crop van de bovenstaande foto laat wel zien dat ruisreductie wel wat schade doet aan de details, wat vooral in de zee is terug te zien. 

Op ISO 3200 en hoger wordt ruis redelijk snel storend. ISO 3200 kan er nog meer door, maar daarna heb je al snel zeer krachtige ruisreductiesoftware nodig om er nog iets van te maken. Op ISO 12.800 blijven de kleuren nog meer of meer intact, maar is het ruispatroon uitermate storend geworden. Dit is echter wel sterk afhankelijk van het onderwerp, het licht en de belichting.

Dat de bruikbaarheid van de foto’s nogal varieert, toont de onderste foto aan. 

Het gelaat van het meisje is scherp en goed gedetailleerd. In de huidtinten is niet direct sprake van storende ruis. Dat komt mede doorzij zijn (door haar eigen fakkel) goed belicht is. De ruispatronen zijn wel goed zichtbaar bij het vuur, in de overgang van licht naar donker. We hebben ook foto’s uit dezelfde reeks waarbij het onderwerp minder goed belicht is en daardoor er grof en slecht gedetailleerd is, grotendeels vanwege ruis.

Zowel de Alpha 65 als de 77 bieden de optie om te filmen in 1080p Full HD. De camera’s zijn compatible met AVCHD Progressive (maar staan standaard ingesteld op interlaced). Ook is het mogelijk om de P, A, S en M-stand te gebruiken tijdens video, alsmede handmatige autofocus. Standaard zal de camera continu automatisch blijven scherpstellen en daarmee anticiperen op een bewegend of veranderd onderwerp. Zoals je in de onderstaande video kunt zien, werkt de autofocus vrij vlot. De onderwerpen blijven in focus en als er iets nieuws op de voorgrond verschijnt, schakelt de camera snel over.

De video toont verschillende scenes, waaronder dragracing, vuur in het donker, Athene en een afsluitend deel van de dragracers. Het eerste deel is gemaakt in combinatie met de Sony 70-400 f4-5.6.

Hieronder vind je extra beeldmateriaal van de nieuwe Sony camera’s.



PRAKTIJKFOTO’s:

Athens (Sony a77 a65)

Athens (Sony a77 a65)

Athens (Sony a77 a65)

Athens (Sony a77 a65)

Athens (Sony a77 a65)

Met de a77 en a65 heeft Sony twee zeer interessante camera’s geïntroduceerd. Ze vallen op met hun professionele specificaties, zoals het zeer hoge aantal foto’s dat ze per seconde kunnen vastleggen (respectievelijk 12 en 10), de EVF met hoge resolutie en het kantelbare scherm. Ook de beeldchip met 24 megapixels is indrukwekkend, hoewel we de resultaten daarvan op dit moment nog niet kunnen vergelijken met andere camera’s. Door de flinke verhoging van het aantal pixels is het de vraag hoe de camera presteert op hoge ISO’s.

In de praktijk

We hebben enige tijd met de nieuwe camera’s kunnen werken. Daarbij valt op dat de bouw van beide camera’s erg goed is. De a77 ligt wat beter in de hand dan de a65, mede omdat de laatste wat kleiner is. Ook het nieuwe uitklapbare lcd-scherm van beide camera’s is een verbetering. Met name de drie-assige van de a77, omdat deze ook boven de camera uit kan komen (wat handig is, in bepaalde situaties), Ook kunt je het scherm van de a77 wat makkelijker naar beneden en boven kantelen, zonder meteen het hele scherm te draaien. Bij de a65 is dat wat lastiger; je kunt alleen omlaag kantelen. Wil je omhoog, dan zul je het scherm eerst moeten draaien,

De OLED EVF is een behoorlijke stap vooruit. De elektronische zoeker van beide camera’s is erg groot en dankzij de XGA-resolutie van 1024×768 pixels ook erg gedetailleerd. Een EVF heeft een aantal nadelen ten opzichte van een optische zoeker (zoals eerder genoemd), maar er zijn ook voordelen: instellingen als witbalans en belichtingscompensatie zijn direct zichtbaar. Ook zit er een elektronische horizon (eventueel gecombineerd met een raster met lijnen volgens de regel van derden) die aangeeft of je de camera rechthoudt. Voor wie een optische zoeker gewend is, is het echter even wennen. Ook al is de EVF snel en is toch altijd een lichte vertraging waarneembaar ten opzichte van een optisch beeld. Ook moet je altijd de camera eerst aandoen voordat je iets ziet. Logischerwijs heeft dit ook een impact op de accu; de EVF vreet zelfs meer energie dan het lcd-scherm!

Het aantal beelden dat de camera per seconde kunnen produceren is zeer indrukwekkend, maar er is één grote maar. Nadat je 10 of 12 beelden achter elkaar hebt geschoten is de buffer vol. De camera stopt dan omdat het de beelden moet verwerken. Pas na enkele seconden kun je verder schieten en dan uitermate traag (circa 1 bps). Dat maakt de a65 en a77 als actiecamera minder geschikt dan wat je op basis van de specificaties zou denken. Bij de concurrentie kun je weliswaar minder foto’s per seconde schieten, maar het aantal foto’s dat je achter elkaar kunt maken, is een stuk hoger (en soms zelfs onbeperkt). 

Beeldkwaliteit

Hoewel we nog geen concreet oordeel kunnen uitspreken over de beeldkwaliteit (doordat we met pre-productiecamera’s hebben gewerkt), vragen we ons wel hardop af of het een goede zet was van Sony om 24 megapixels op een APS-C sensor te proppen. Dat is net zoveel als op Sony topmodel, de a900, die echter een stuk groter is (fullframe) en daardoor een betere signaal-ruis-verhouding heeft. Ongetwijfeld zijn er fotografen die op een dergelijke hoeveelheid pixels zitten te wachten, we maar denken dat prosumers ook tevreden waren geweest met 16 megapixels, te meer als dat betere ISO-prestaties zou opleveren.

Prijzen

De a77 heeft een adviesprijs van 1300 euro zonder lens. Met standaardkitlens wordt de prijs 1400 euro en inclusief het nieuwe16-50 f2.8 objectief (los € 700) moet je er 1900 euro voor neertellen. De a65 heeft een adviesprijs van 900 voor de body en 1000 inclusief 18-55 f3.5-5.6 kitlens.

Pin It
Jeroen

is mede-oprichter van FotoVideo.nu, schrijver van diverse (foto)boeken en auteur voor verschillende tijdschriften. Hij fotografeert sinds 1994 met een spiegelreflexcamera en geeft ook af en toe presentaties en workshops over fotografie. Volg Jeroen ook op Twitter.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *