Sony Alpha a77 review

Door -

De body van de a77 ligt erg goed in de hand en voelt zeer solide aan. Hoewel er plek is voor alle vingers, is de optionele batterijgrip voor mensen met grote handen wel een must-have. De camera is logisch en overzichtelijk ingedeeld en bevat veel knoppen en aansluitpunten. Veel knoppen (zoals AEL en AF/MF) zijn ook nog eens programmeerbaar, zodat je er een andere functie aan kunt koppelen. Vreemdgenoeg geldt dat niet voor de helpfunctie (het vraagteken-knopje), die voor de doelgroep eigenlijk overbodig is.

Voor het aan- en uitzetten van de gps, moet je wel het menu induiken. Verder zijn er knoppen voor de meeste populaire instellingen, zoals de transportfunctie (aantal bps en zelfontspanner), de witbalans, belichtingscompensatie, de ISO-waarde en de lichtmeting. Aan de achterzijde zit er een functieknop (Fn) waarmee je snel andere functies kunt oproepen, zoals de flitsfunctie, het AF-gebied, het volgen van een object en zaken als gezichtsherkenning en lach-detectie. Boven de Fn-knop zit een joystick, waarmee je snel het menu kunt doorlopen of door foto’s en video’s kunt bladeren (wat overigens ook kan via de draaiwieltjes). 

Monochroom lcd-scherm

Op de bovenzijde van de camera zit een monochroom lcd-scherm. Hierop zie je sluitertijd en het diafragma, de status van de accu, de witbalans, de transmodus, de beeldkwaliteit en het aantal resterende opnamen. Zo’n lcd-scherm tref je met name aan bij high-end spiegelreflexcamera’s, waar de a77 ook onder valt. Het lcd-scherm maakt het mogelijk om tijdens het fotograferen snel even bepaalde instellingen te controleren, zonder dat je op het lcd-scherm of in de zoeker hoeft te kijken. Vooral als je van bovenaf op de camera kijkt, bijvoorbeeld wanneer deze op statief staat, is dat handig. Je kunt dezelfde informatie (en meer) natuurlijk ook aflezen op het kantelbare lcd-scherm aan de achterzijde, maar die moet je eerst uitklappen.

Het autofocusconcept van de a77 (en de a35 en a55) is vrij uniek. Doordat de spiegel nooit opklapt, kan de camera altijd gebruik maken van fasedetectie via de autofocussensoren. Dat is een groot verschil met contrastautofocus, waar systeemcamera’s gebruik van maken. Maar ook met de live view-modus en videostand van traditionele spiegelreflexcamera’s, die hiervoor eveneens contrastdetectie gebruiken. Dat is dan ook de reden dat handmatig scherpstellen eigenlijk noodzakelijk is voor een goed resultaat, want de autofocus werkt beduidend trager dan fasedetectie (hoewel er recentelijk flinke stappen gemaakt zijn op dat front). Tijdens live view en de videomodus blijft de a77 moeiteloos scherpstellen, ook in de continustand (AI Servo).

Het SLT-concept met vaste spiegel in beeld

Translucent spiegel

Dit is mogelijk dankzij een zogenaamde ‘translucent’ ofwel doorschijnende spiegel, waardoor het concept ook wel SLT wordt genoemd in plaats van SLR. De spiegel die Sony gebruikt, zit vast en klapt niet op en neer. Op toch te kunnen autofocussen is de spiegel halfdoorlatend (translucent) en laat dus direct licht door naar de sensor. Tegelijkertijd blijft de autofocus intact, doordat de autofocussensoren direct hebben met de lens via de spiegel. Het voordeel van dit concept is dat de camera daar erg snel van wordt. De spiegel hoeft niet meer op en neer te klappen, waardoor er meer beelden per seconden kunnen worden vastgelegd. Doordat er circa 30% licht verloren gaat door het gebruik van de semi-transparantie spiegel betekent dit dat de camera in de auto-ISO-stand ter compensatie sneller voor hogere ISO-standen zal kiezen. 

Voor het maken van de testfoto’s hebben gebruik gemaakt van de 16-50mm f2.8, die als optionele kitlens wordt meegeleverd met de a77, maar ook van enkele andere objectieven zoals de professionele Sony 70-400 f4-5.6. Bij goed licht levert de a77 een behoorlijk detail.

Als we bijvoorbeeld een 100% uitsnede bekijken van de bovenstaande foto, dan zien we details die op de bovenste foto (in dit formaat) niet zichtbaar waren.

En hetzelfde geldt voor de onderstaande foto, waar we een stukje uit het midden tonen (eveneens op 100%). Ook details in schaduwgebieden zijn scherp en goed zichtbaar.

Tele

De foto hieronder is gemaakt tijdens een stuntshow met een professionele Sony 70-400 f4-5.6 (@250mm) telelens. De lichtgevoeligheid was ISO 100. Hieronder zie je een crop van de originele foto. Deze toont eveneens behoorlijke details.

Uitsnede van ISO 100-foto (ga met de muis op de foto staan voor een licht bewerkte versie)

Naar de lancering van de Sony Alpha a77 is lang uitgekeken. Niet alleen is dit de opvolger van de semi-professionele a700, ook borduurt deze voort op de ‘translucent’ technologie die we eerder tegenkwamen in de betaalbare en compacte Alpha 33 en 55. De hamvraag is: leent dit concept zich ook voor high end-modellen? Ja, zegt Sony. Een gewaagde stap, aangezien een elektronische zoeker (EVF) tot nu toe alleen bij consumentencamera’s werden gebruikt. De meeste gevorderde fotografen en professionals zweren bij een optische zoeker. 


Specificaties

Eén ding had Sony op de dag van de aankondiging al goed voor elkaar. De specificaties van de a77 waren direct indrukwekkend. De a77 beschikt over de 24,3 CMOS sensor en kan maar liefst 12 foto’s per seconde achter elkaar maken (op volle resolutie). Dat laatste is een absoluut record waarmee Sony professionele (en veel duurdere) modellen als de Canon 1D Mark IV en de Nikon D3s achter zich laat. Ook wat betreft de resolutie positioneert Sony zich in het hoogste segment, direct naast de Canon 5D Mark II, Canon 1Ds Mark III, Nikon D3X en haar eigen Alpha a900. Maar megapixels alleen zeggen natuurlijk niet alles (lees vooral verder).

Verder kwam Sony met een nieuw AF-systeem op de proppen met 19 AF-punten, waarvan er 11 kruislingsgevoelig zijn. Daarmee is de a77 niet alleen in staat om snel scherp te stellen, maar kan hij ook goed onderwerpen blijven volgen. Ook beschikt de a77 over weathersealing, waardoor je ook tijdens een milde regenbui door kunt fotograferen en ook niet bang hoeft te zijn voor zand en stof (mits je ook weerbestendige lenzen gebruikt natuurlijk). De body heeft een magnesium legering en kan dus tegen een stootje, wat een voordeel is ten opzichte van plastic bodies.

Verder is het kantelbare lcd-scherm van de a77 uniek. Er zijn meer schermen die kantelbaar zijn, maar we hebben nog nooit zo’n flexibel scherm gezien als die van de a77 (zie verderop in deze review). Ook heeft Sony ingespeeld op de behoeften van videofilmers met supersnelle continue autofocus tijdens het filmen, ondersteuning voor 1080p50 (AVCHD Progressive) en het gebruik van de P/A/S/M-standen. 

De sluiter gaat minimaal 150.000 foto’s mee claimt Sony. De camera biedt verder een maximale sluitertijd van 1/8000e seconde en een flitssynchronisatie van 1/250e. Ook is de a77, net als de a55, standaard voorzien van een on-board gps chip, waardoor foto’s en video’s automatisch voorzien worden van geografische data. Oftewel, op papier is de camera zwaar indrukwekkend. Nu de praktijk…

Een opsomming van de belangrijkste specificaties:

  • 12 fps (a77) en 10 fps (a65) met behoud van fasedetectie autofocus
  • Nieuw AF-systeem met 19 punten en 11 kruislingsgevoelige punten (a77) (a65: 15 punten waarvan 3 kruislings gevoelig)
  • 24,3 APS HD CMOS sensor
  • Verbeterde BIONZ beeldprocessor
  • XGA OLED elektronische zoeker (EVF)
  • Quick AF Full HD video, gecompatible met AVCHD Progressive
  • Volledige P/A/S/M belichtingscontrole in de handmatische focusmodus (video)
  • Kantelbaar drie-assig lcd-scherm (a77)
  • Weathersealing (a77)

Op hoge ISO’s wordt duidelijk ruisreductie toegepast (waarvan de mate overigens instelbaar is). Een crop van de bovenstaande foto laat zien dat ruisreductie wel wat schade doet aan de details, wat vooral in de zee is terug te zien. De details zijn nogal grof.

Op ISO 3200 en hoger wordt ruis redelijk snel storend. ISO 3200 kan er nog meer door, maar daarna heb je al snel zeer krachtige ruisreductiesoftware nodig om er nog iets van te maken. Op ISO 12.800 blijven de kleuren nog meer of meer intact, maar is het ruispatroon uitermate storend geworden. Dit is echter wel sterk afhankelijk van het onderwerp, het licht en de belichting.

Bovenop de camera, tussen de flitsvoet en de flitser in, zit een ingebouwde stereomicrfoon. Maar de a77 heeft, net als de a55, een 3,5mm microfoonaansluiting waarop je allerlei externe microfoons kunt inschakelen. Verder is de a77 voorzien van een aansluiting voor een studioflitser, een externe voeding en een afstandsbediening. Uiteraard ontbreekt een HDMI-mini en usb-aansluiting niet. Aan de zijkant zit een apart slot voor een SD-geheugenkaartje (SDXC met UHS-I wordt ondersteund). Aan de onderkant  zit de accu (NP-FM500H) op enige afstand van de statiefaansluiting (zodat je zelfs met een statiefplaatje de accu nog kunt vervangen). De programmaknop biedt naast de bekende P/A/S/M-standen ook een scene-stand (SCN) voor de meest gangbare scenario’s en speciale standen voor het maken van een panorama en een 3D foto.

Stabilisatie

Net als alle andere Sony Alpha camera’s (met uitzondering van de NEX-serie) beschikt de a77 over ingebouwde stabilisatie in de body. Het voordeel daarvan is dat deze met alle lenzen samenwerkt. Je hoeft dus geen lens te kopen met stabilisatie zoals bij Canon en Nikon (respectievelijk IS en VR genoemd). Tot voor kort was het nadeel aan het in-body-concept dat je de bewegingscompensatie niet in de optische zoeker terugzag (wat wel zo prettig is voor een rustig beeld). Maar doordat de a77 een EVF gebruikt is dat niet aan de orde. Het enige resterende nadeel is dat het nogal per lens verschilt hoe effectief de stabilisatie is. Canon en Nikon gebruiken voor ieder objectief een op maat aangepaste beeldstabilisator, omdat het nogal verschil is of de stabilisatie gebruikt wordt voor een 18mm of 400mm brandpunt.

Buffer: 12 foto’s per seconde

Wat betreft de indrukwekkende 12 beelden per seconde die de a77 kan produceren, zit er nog een klein addertje onder het gras. De camera haalt deze snelheid in de praktijk moeiteloos, echter na 12 foto’s zit de buffer vol. Voor sport- en actiefotografen is dat een serieus minpunt, omdat het actiemoment dus beperkt is tot één seconde. Fotografeer je een bepaalde actie die langer duurt dan een seconde, dan zul je dus je vinger af en toe van de ontspanknop moeten halen om te voorkomen dat de buffer meteen volloopt. Als de buffer vol zit fotografeert de camera verder met een beduidend tragere snelheid. Dit is overigens ook mede afhankelijk van het type geheugenkaart dat je gebruikt. De a77 heeft baat bij snel geheugen. Volgens Sandisk is de a77 de enige camera die momenteel baat heeft bij de recent aangekondigde 95 MB’s Extreme Pro-kaart. Echter, omdat dit kaartje nog niet beschikbaar is, konden we niet testen wat voor impact dit heeft op de snelheid. Noch Sandisk, noch Sony kon aangeven welke snelheid hiermee gehaald wordt.

De snelle camera’s van Canon en Nikon die 10 bps of meer halen hebben een groter buffergeheugen, waardoor je veel langer door kunt fotograferen tijdens een actiemoment. Dit is uiteraard een andere prijsklasse, maar wel belangrijk om je te realiseren. De 12 bps staat mooi op papier, maar (op dit moment) in de praktijk niet optimaal bruikbaar als het actiemoment langer duurt dan één seconde. Aangezien je wat marge wilt houden bij het fotograferen van actie (omdat je niet exact weet op welke moment het hoogtepunt is), is dit een duidelijk minpunt.

16-50mm f2.8 kitlens

Het woord ‘kitlens’ heeft een goedkope bijsmaak. De door Sony ontwikkelde 16-50mm f2.8 is alles behalve goedkoop (zowel wat betreft prijs als prestaties). Het is een ideaal objectief voor bij de a77, dankzij zijn lichtsterkte en snelle en geruisloze autofocus (SSM). Net als de camera is de 16-50mm f2.8 voorzien van stof- en waterbestendige afdichtingen zodat hij een ideale combinatie vormt met de a77. Als kit bij de a77 is hij goedkoper dan via de losse verkoop.

Speciaal voor de a77 heeft Sony een 16-50 f2.8 objectief aangekondigd. Los kost deze 700 euro. 
In combinatie met de a77 is de meerprijs 600 euro.

Optioneel is er ook een grip beschikbaar (de VG-C77AM) die eveneens weerbestendig is en plaats biedt voor twee accu’s. Met twee NP-FM500H accu’s zou de camera’s 1060 foto’s kunnen maken met gebruik van het lcd-scherm en 940 opnames via de OLED EVF.

De zoeker van de a77 is een unicum. Geen enkele andere fabrikant is er tot nu toe in geslaagd om 2,4 miljoen dots (2.359.000) in een elektronische zoeker te proppen. Dat is een gigantische resolutie voor zo’n relatief klein schermpje (effectief 1024×768 pixels: XGA). Dankzij de OLED technologie is de zoeker zeer helder, scherp en kleurrijk. De EVF biedt 100% zoekerweergave en toont dus het gehele frame (iets dat alles behalve vanzelfsprekend is bij optische zoekers). 

Het gebruik van een elektronische zoeker is gewaagd. Sony is de eerste fabrikant die geen optische zoeker biedt in dit segment en heeft al laten doorschemeren dat de opvolger van de a900 hier waarschijnlijk ook mee uitgerust zal worden. Oftewel Sony geeft hiermee aan dat men heilig gelooft in de EVF als opvolger van de optische zoeker. Hier zijn meerdere redenen voor. Allereerst zijn EVF’s al jaren gangbaar, vooral bij zogenaamde bridge-camera’s (zoals de Canon Powershot SX40). Tot nu toe waren ze niet goed genoeg voor spiegelreflexcamera’s, waar optische zoekers al sinds jaar en dag de dienst uitmaken. Vanwege het ‘translucent’-concept van Sony (SLT) was een EVF de enige logische keuze. Door de spiegel vast te maken in plaats van opklapbaar en door het prismahuis te verwijderen, kan Sony’s spiegelreflex een stuk compacter worden gemaakt. En omdat er circa 30% licht verloren gaat door halfdoorlatende spiegel, zou een optische zoeker behoorlijk donker worden. Desondanks vallen de SLT-Alpha’s nog steeds in de categorie spiegelreflex, ook al is het woordje ‘reflex’ niet echt meer van toepassing.

Voordelen en nadelen

Hoewel veel fotografen een voorkeur hebben voor een optische zoeker, heeft een elektronische variant ook een aantal voordelen. Allereerst kan er veel nuttige informatie in de zoeker worden getoond, zoals een live histogram, een raster en een horizon (wat een heel handig hulpmiddel is omdat je kunt zien of je de camera recht houdt). Ook geeft de zoeker een concrete indicatie hoe de foto wordt, waarbij de witbalans en de belichting al vooraf zichtbaar is. Met een EVF zoals die van de a77 kun je de scherpte vrij goed beoordelen, mede doordat het mogelijk is om digitaal in te zoomen (1,4x en 2x). En zoals gezegd toont een EVF in principe het hele zoekerbeeld (100%), terwijl veel optische zoekers blijven steken op circa 95%. Een ander voordeel is dat een EVF het aanwezige licht kan versterken, waardoor je ook bij slecht licht onderwerpen en achtergrond makkelijk kunt onderscheiden (al wordt de EVF en het lcd-scherm op een gegeven moment wel wat ruizig).

Maar nadelen zijn er ook. Omdat de zoeker elektronisch werkt, is er altijd sprake van lichte vertraging. De verwerking van het licht op de sensor, dat via de processor in de zoeker wordt getoond, kost altijd een fractie meer tijd dan de werkelijkheid. Die vertraging is nauwelijk merkbaar, maar wel aanwezig. Vooral met zeer snel bewegende objecten heeft de zoeker soms moeite om alles goed weer te geven. Ook duurt het een kwartseconde voordat er beeld in de EVF verschijnt als je je oog voor de zoeker houdt. Dat is even wennen.

Een EVF heeft ook voordelen, zoals een elektronische horizon (leveller)

Stroomverbruik

Maar het grootste nadeel is dat een elektronische zoeker stroom verbruikt. Dat heeft twee gevolgen. Allereerst kost het – in tegenstelling tot een optische zoeker – energie. De accu gaat simpelweg sneller leeg omdat het beeld persé elektronisch moet worden weergegeven. In het geval van de EVF van de a77 blijkt zelfs dat deze minder energievriendelijk is dan het gebruik van het lcd-scherm. Het scheelt een foto of zestig per volle accu. Meerdere accu’s zijn dus noodzakelijk om goed te kunnen blijven werken. Een ander gevolg is dat een EVF minder geschikt is voor situaties waarbij je als fotograaf continu door de zoeker kijkt. Bijvoorbeeld wanneer je wilde dieren aan het fotograferen bent en wacht op het juiste moment. Dat moment kan soms enkele minuten duren al die tijd vreet de EVF stroom. 

Terugkijken

Een praktisch punt is dat het terugkijken van foto’s anders werkt met een EVF. Als je het lcd-scherm gebruikt om te fotograferen, verschijnt de foto na de opname daar. Maar kijk je via de EVF, dan verschijnt de gemaakte foto ook in de EVF. Dat is niet anders in te stellen. Dit betekent eigenlijk ook dat terugkijken helemaal niet handig is. Want als je een onderwerp volgt via de zoeker wil je geen foto voor je neus krijgen. Je ziet dan immers het onderwerp dat je aan het volgen was niet meer. Wanneer je meerdere foto’s achter elkaar wilt maken, moet je het automatisch terugkijken van foto’s dus uitzetten.

XGA EVF

Het mag duidelijk zijn dat een elektronische zoeker om meerdere redenen even wennen is. Toch is de EVF in de a77 (en a65) een doorbraak. Nog nooit was een EVF zo rijk van detail. Geef een gemiddelde amateurfotograaf de a77 in handen en hij of zij zal niet eens door hebben dat het een elektronische zoeker is. We hebben de camera door meerdere personen laten uitproberen en iedereen was in principe lovend over de OLED EVF van Sony. Tenzij één van de genoemde nadelen voor jouw type fotografie onoverkomelijk is, zouden we een EVF in plaats van een optische zoeker niet bij voorbaat al afschrijven. Probeer het vooral eens uit als de a65, a77 of NEX-7 in de winkels ziet liggen.

Het lcd-scherm meet 7,5 cm, wat qua afmetingen zeer gebruikelijk is, in combinatie met een resolutie van 921.000 dots. De voorgaande Alpha’s hadden ook al een kantelbaar scherm, maar de a77 gaat nog een paar stappen verder. Het scherm kan draaien en kantelen dankzij drie assen en kan daarnaast simpel omhoog of omlaag gericht worden. Ter vergelijking: de a65 beschikt over twee assen, waardoor het je lcd-scherm alleen naar beneden kunt uitklappen (het scherm is wel kantelbaar, zodat je van bovenaf op het scherm kunt kijken).

Het lcd-scherm is zowel naar boven als beneden kantelbaar en ook nog uitklapbaar.
(ga met de muis op de foto staan om het verschil te zien) 

Er zijn meer camera’s met lcd-schermen die zowel horizontaal als vertikaal kunnen kantelen (zoals de Canon 60D en 600D en de Nikon D5100), maar het concept van Sony is uniek. Dat komt omdat je het scherm ook naar boven of beneden kunt kantelen aan de achterzijde van de camera, zonder dat het scherm aan de linkerzijde uitsteekt. Dat is vooral makkelijk wanneer je boven je hoofd op op de grond wilt fotograferen, zonder direct het scherm helemaal  uit te klappen. Het aantal verschillende standen vrijwel onbeperkt, zoals het lcd-scherm…

  • …boven de camera, naar achteren gericht
  • …boven de camera, naar voren gericht
  • …onder de camera, naar achteren gericht
  • …onder de camera, naar achteren gericht
  • …achterop de camera (open of dicht)
  • …naar boven gericht
  • …naar beneden gericht
  • …naar de linker of rechter zijkant gericht
  • …schuin naar links of rechts gericht, boven, achter of onder de camera

Hieronder zie je een filmpje met een korte demonstratie:

Op basis van een reeks sterrenfoto’s hebben we een goed beeld gekregen van de bruikbaarheid van de hogere ISO’s. Het onderstaande plaatje toont een uitsnede van 65%. Op basis hiervan kun je zien dat ISO 3200 al een redelijke hoeveelheid ruis vertoont, maar het kan er nog wel mee door. Op ISO 6400 is er duidelijke schade te zien door ruisvorming en ruisreductie. Het beeld wordt vlekkerig. ISO 12.800 en hoger zijn overduidelijk teveel van het goede. Niet alleen heeft dit een grote impact op de scherpte en de details, ook verandert de kleur van de foto.

Het origineel, maar dan op basis van ISO 1600. Hieronder zie je een uitsnede.

Goed en slecht licht

Maar toch kan de bruikbaarheid van foto’s varieren, ook op hoge ISO’s. De onderste foto is op ISO 12.800 gemaakt. Het verschil is dat de foto, dankzij de fakkel, goed belicht is en niet te donker. Dat heeft een positieve impact op de beeldkwaliteit.

Het gelaat van het meisje is scherp en goed gedetailleerd. In de huidtinten is niet direct sprake van storende ruis. Dat komt mede doorzij zijn (door haar eigen fakkel) goed belicht is. De ruispatronen zijn wel goed zichtbaar bij het vuur, in de overgang van licht naar donker. We hebben ook foto’s uit dezelfde reeks waarbij het onderwerp minder goed belicht is en daardoor er grof en slecht gedetailleerd is, grotendeels vanwege ruis.

Onze eerste gedachte tijdens de lancering was: “24 megapixels? Is dat nou nodig?”. Een onderwerp dat we eerder uitgebreid besproken in de uitslag van onze enquete in mei dit jaar, waarbij ruim 96% van de 770 deelnemers aangaf liever betere beeldkwaliteit te willen dan meer megapixels. Immers, het is een gegeven dat meer megapixels op hetzelfde oppervlak nadelig is voor de signaal-ruisverhouding. Als je een 12 en een 18 megapixel-sensor produceert op hetzelfde chiprocèdé, dan zal de 12 megapixel-sensor minder ruis tonen op hoge ISO’s (vanaf 1600 en hoger). Dat bleek ook duidelijk uit onze test van de Canon 1100D (12mp) die op hoge ISO’s beter presteerde dan de duurdere 600D, 60D en 7D (18mp). 

Dat betekent overigens niet dat minder megapixels per definitie beter zijn. Camerafabrikanten verbeteren hun chipontwerp continu en verzinnen allerlei trucs om ruis te bestrijden, zoals grotere microlensjes om het licht beter naar de sensordiodes te geleiden, nieuwe sensortechniek (zoals backlight illuminating; BSI) en ruisreductie op sensorniveau (naast softwarematige reductie). Sensoren worden alsmaar beter, wat de weg opent voor meer megapixels. Zo blijkt uit onze tests dat de nieuwe Sony NEX-5N marginaal beter dan de oude NEX-5, terwijl de eerstgenoemde over twee megapixels meer beschikt. Ook de Canon EOS 5D Mark II leverde met 21 megapixels veel betere kwaliteit af dan zijn voorganger met 12 megapixels. Het kan dus.wel.

De 24 megapixel-sensor van de a77, verborgen achter de lichtdoorlatende spiegel

Doelgroep

De vraag is echter of de doelgroep van deze camera behoefte heeft aan 24 megapixels. Meer megapixels heeft zin in bepaalde gevallen. het biedt bijvoorbeeld meer ruimte om een uitsnede te maken, waarbij een deel van de resolutie verloren gaat. Ook is het mogelijk om op grotere formaten af te drukken. Dat laatste is overigens relatief; hoe groter het posterformaat, des de groter de afstand zal zijn om er naar te kijken (een foto van één bij één meter bekijk je van een grotere afstand dan een 10×15 cm afdruk). Verder bieden meer megapixels in principe meer details, wat in bepaalde fotografietakken (zoals productfotografie) van toegevoegde waarde is. Maar zit de doelgroep van de a77 te wachten op 24 megapixels? Was 16 megapixels niet voldoende geweest? Voor studiofotografen heeft een dergelijk aantal pixels wel nut, maar zij werken vaak om die reden met fullframe camera’s (met een grote 35mm sensor). Een verhoging van het aantal megapixels is prima als de beeldkwaliteit gelijk of beter is ten opzichte van een bestaande sensor met minder pixels. Bij de Sony a77 blijkt dat echter niet het geval te zijn, zo blijkt uit onze tests.

Een fullframe-sensor (links) en een APS-C sensor zoals die van de a77 (rechts)

FotoVideo.nu gebruikt voor camera- en lenzentests verschillende testkaarten en -opstellingen. De resultaten bekijken we met behulp van verschillende softwarepakketten. Op die manier is het bijvoorbeeld mogelijk om beelden naast elkaar te leggen en eenvoudig het verschil in kwaliteit te zien. Voor complexere zaken, zoals kleurafwijkingen, die nauwelijks objectief met het blote oog zijn waar te nemen, gebruiken we professionele testsoftware die ook in de camera-industrie gangbaar is, namelijk Imatest. De uitkomsten zijn redelijk wetenschappelijk en daardoor niet voor iedereen begrijpelijk en interessant, maar voor de volledigheid publiceren we ze erbij.

De afbeelding hierboven geeft de kleurafwijking aan, gebaseerd op een door de Sony a77 geproduceerde foto (ISO 100) van een professionele testkaart. In het centrum van een kleurenvlak zie je de kleur zoals die officieel zou moeten zijn. Deze kleur is afgestemd op de gebruikte kleurtemperatuur van de camera, die beïnvloed wordt door omgevingslicht. In het kleine vlakje rechts in het centrum zie je de oorspronkelijke kleur zonder correctie. Onderin zie je de witbalansfouten op basis van zes grijsvakken (wit, 20, 40, 60 en 80% grijs en zwart). De kleurverzadiging hiervan is opzettelijk aangedikt zodat je het verschil goed kunt zien. Op basis hiervan kun je zien hoe goed de handmatige witbalans werkt. Aan het deel tussen de rode haakjes is de witbalansafwijking goed af te lezen (0 = perfecte grijstint, 1 = volledige kleur). 

Kleurruimte

Als je bovenstaande grafiek inclusief de gekleurde vlakken vertaalt naar de afwijking in de (CIELAB) kleurruimte, dan krijg je het onderstaande resultaat. Bij de combinatie van vierkantjes en cirkeltjes staat telkens een getal, dat overeenkomt met de 18 kleurvakken in het testpatroon. Het vierkantje geeft aan wat de kleur moet zijn in het geval van perfectie. Het cirkeltje is de kleur zoals die door de camera is geproduceerd. Oftewel: je ziet een visuele weergave van de kleurafwijking. Wat verder interessant is, is de verzadiging. Zoals gezegd passen fabrikanten vaak kleurverzadiging toe zodat kleuren er meer uitspringen. Tot op zekere hoogte is dat prima, maar op een gegeven moment wordt het onwerkelijk.Met 7,4% oversaturatie doet de a77 het op dat vlak goed.

Het is interessant om te zien wat het effect is van het aantal megapixels in vergelijking met de NEX-5N (16 megapixels) en de Canon EOS 5D Mark II (21 megapixels). Als we de dagfoto’s van de NEX-5N met die van de a77 vergelijken is er inderdaad een resolutievoordeel te zien.

Uitsnede van een boom (links NEX-5N, rechts a77)

Even los van de belichting die iets varieert, is het te zien dat de rechterfoto wat meer details toont. Hieronder zie je een vergroting van 150% waarbij het duidelijk is dat de a77 meer details toont. De details in de takken van de boom zijn scherper. Hierbij moet worden opgemerkt dat voor de NEX-5N de kitlens is gebruikt, die optisch van mindere kwaliteit is ten opzichte van de 16-50mm f2.8.

Detailopname van de NEX-5N en de a77 (ga met de muis op de foto staan om het verschil te zien)

Canon 5D Mark II

Als we de 24 megapixels van de a77 vergelijken met de 21 megapixels van de Canon 5D Mark II, dan overtuigt de a77 minder. De a77 heeft weliswaar een hogere resolutie (meer megapixels), maar toont toch minder detail. Dat is met name te danken aan de grotere sensor van de 5D Mark II (fullframe in plaats van APS-C). Als voorbeeld fotografeerden we bij kunstlicht een schilderij en een moederbord en vergeleken de details.

Het schilderij en het moederbord (hieronder een uitsnede)

De a77 toont minder details dan de 5D Mark II
(ga met de muis op de afbeelding staan om het verschil te zien) 


Ook wat betreft scherpte scoort de de 5D Mark II beter
(ga met de muis op de afbeelding staan om het verschil te zien) 

Zoals je kunt zien mist de a77 wat detail en scherpte ten opzichte van de drie jaar oude 5D Mark II. Opvallend, aangezien de a77 beschikt over meer megapixels. Aan de andere kant zijn de details (op lage ISO’s) wel gedetailleerder dan de 16 megapixel-sensor van de NEX-5N.

Vergeleken met de NEX-5N biedt de a77 weliswaar wat meer details, maar wel met beduidend meer ruis op hoge ISO’s

De Alpha 77 biedt de optie om te filmen in 1080p Full HD met 50bps). De a77 bevat een dedicated videoknop aan de achterzijde. De camera’s zijn compatible met AVCHD Progressive (maar staan standaard ingesteld op interlaced). Ook is het mogelijk om de P, A, S en M-stand te gebruiken tijdens video, alsmede handmatige autofocus. Standaard zal de camera continu automatisch blijven scherpstellen en daarmee anticiperen op een bewegend of veranderd onderwerp. Zoals je in de onderstaande video kunt zien, werkt de autofocus vrij vlot. De onderwerpen blijven in focus en als er iets nieuws op de voorgrond verschijnt, schakelt de camera snel over. De maximale lengte van één opname is net geen 30 minuten. 

De video toont verschillende scenes, waaronder dragracing, vuur in het donker, Athene en een afsluitend deel van de dragracers. Het eerste deel is gemaakt in combinatie met de Sony 70-400 f4-5.6 (op een statief). In een volgend artikel gaat we uitgebreider in op de videofunctie van de a77.

Als we onze testkaarten, gemaakt in de studio, laten benchmarken door professionele testsoftware (Imatest) dan rollen daar harde getallen uit. Met het blote oog heb je wellicht een indicatie van de kwaliteit, maar het is erg lastig en al snel subjectief om daar een waardeoordeel aan te hangen in de vorm van een cijfer. Onze testsoftware doet dit zonder probleem, onbevoordeeld en op basis van identieke condities.Als we onze testkaarten, gemaakt in de studio, laten benchmarken door professionele testsoftware (Imatest) dan rollen daar harde getallen uit. Met het blote oog heb je wellicht een indicatie van de kwaliteit, maar het is erg lastig en al snel subjectief om daar een waardeoordeel aan te hangen in de vorm van een cijfer. Onze testsoftware doet dit zonder probleem, onbevoordeeld en op basis van identieke condities.

Als de we ruiswaarde op ISO 3200 vergelijken met andere recent geteste APS-C camera’s, dan valt de prestatie van de a77 wel wat tegen. Opvallend is dat Sony de ruis bij de NEX-5N juist heel goed onder controle heeft.

Achtergrondinformatie testmethodiek

We berekenen de ruis in de grijswaarden op twee verschillende manieren. Allereerst wordt bepaald wat het verschil in helderheid (in bits) is tussen het donkerste (zwarte) en het lichtste (witte) vlak. Dit is het maximale helderheidsverschil in de foto en stellen we op 100%. Daarna wordt op zes grijsvakken (zwart tot wit) bepaald wat de gemiddelde helderheidsverschillen binnen de vakken oftewel de ruis is. De grootte van dit verschil wordt afgezet tegen het eerder bepaalde maximale helderheidsverschil en op die manier rollen er ruiswaardes in procenten uit de test. 1% ruis betekent dus dat het fluctueren van de helderheid binnen een vlak met egale kleur 100 keer zo klein is als het maximale helderheidsverschil. Idealiter zijn egale kleurvlakken helemaael egaal: 0% ruis dus.

De waarden die getoond worden zijn het gemiddelde van de meting van de vier middelste grijsvlakken, variërend van donkergrijs tot lichtgrijs. Pixels bestaan uit vier elementen: Rood (R), Groen (G), Blauw (B) en de helderheid (Y) en voor elk van de elementen wordt de ruiswaarde afzonderlijk berekend. Wij berekenen uiteindelijk ook een gemiddelde van deze vier waardes, wat uiteindelijk gebruikt kan worden als een goede maat voor de gemiddelde ruis van de sensor. Uiteraard geldt nog steeds: hoe dichter bij 0% hoe beter. De testsoftware maakt hierbij onderscheid tussen middelgrijs (50% grijs) en gemiddeld grijs (20-80%, oftewel alle grijsvlakken behalve wit en zwart). In de grafieken tonen we hiervan het gemiddelde.

Pluspunten:

  • Prettige body met veel knoppen
  • Weerbestending
  • Ingebouwde gps
  • Kantelbaar scherm in praktisch alle richtingen
  • Snelle autofocus, goede AF-tracking
  • Ook fasedetectie-AF tijdens video
  • Beste elektronische zoeker (EVF) die we ooit gezien hebben
  • Zeer snel (12 bps)
  • 1080p50 hd-video
  • Compatibel met snelle UHS-I kaarten (45-95MB/s)
  • Op lage ISO’s prima beeldkwaliteit
  • Microfoonaansluiting
  • Connector voor studioflitser
  • Goede prijs-prestatieverhouding
Minpunten:
  • Te kleine buffer – 12 bps slechts één seconde bruikbaar
  • 24 megapixels is onnodig hoog (uitgezonderd studiofotografie)
  • Aanzienlijk lagere beeldkwaliteit op hoge ISO’s
  • ISO 6400 en hoger bij slecht licht onbruikbaar
  • Verruiling van OVF voor EVF in sommige situaties onpraktisch
  • Hoog stroomverbruik (vooral de EVF)
  • Alleen snelle transport-modus (12bps), geen lagere stand (b.v. 6 bps)

Eindoordeel

We vinden de keuze voor een nieuwe sensor met 24 megapixels een slechte (marketing)keuze van Sony, met name omdat deze (bij slecht licht) lagere beeldkwaliteit aflevert dan andere camera’s (van Sony zelf en concurrenten). De snelle transmodus (12 bps) is indrukwekkend, maar door de te krappe buffer slechts beperkt van toegevoegde waarde. Ook de overstap van een optische zoeker naar een elektronische zal niet bij iedere fotograaf goed vallen, al zijn we onder de indruk van de kwaliteit van deze EVF. Voor het overige is de a77 een zeer indrukwekkende camera met zeer complete specificaties (gps, flexibele lcd-scherm, autofocus) die we zeer toejuichen. De pluspunten zijn zo groot, dat ze onze teleurstelling van de beeldsensor gedeeltelijk compenseren, waardoor we de a77 een Silver-award toekennen. Als Sony had gekozen voor dezelfde 16 megapixel-sensor als die in de NEX-5N, dan was het de eerste FotoVideo.nu Gold-award geweest.

Met de a77 heeft Sony een zeer interessante camera op de markt gebracht. De specificaties (24 megapixels, XGA EVF, 12 bps) zijn uitermate indrukwekkend en liggen op een zeer hoog niveau, dat ongekend is voor deze prijsklasse. Ook het kantelbare lcd-scherm is innovaties en biedt zeer veel flexibiliteit tijdens het fotograferen of filmen. Het vervangen van een optische zoeken (OVF) door een elektronische (EVF) is zeer gewaagd. Nog geen enkele fabrikant heeft dat aangedurft, met name omdat hier – naast enkele voordelen – ook een aantal flinke nadelen aan kleven (zoals het energieverbruik). Uiteindelijk is de acceptatie hiervan een persoonlijke voorkeur van fotograaf, mede afhankelijk of de genoemde nadelen onoverkomelijk zijn of niet. De XGA OLED EVF zelf is – in vergelijking met concurrerende camera’s met EVF – het beste product dat we ooit gezien hebben. Het benadert de kwaliteit van een optische zoeker, al is het zeker nog niet gelijkwaardig. 

Het aantal beelden dat de camera per seconde kunnen produceren is zeer indrukwekkend, maar er is één grote maar. Nadat je 10 of 12 beelden achter elkaar hebt geschoten is de buffer vol. De camera stopt dan omdat het de beelden moet verwerken. Pas na enkele seconden kun je verder schieten en dan uitermate traag (circa 1 bps). Dat maakt de a65 en a77 als actiecamera minder geschikt dan wat je op basis van de specificaties zou denken. Bij de concurrentie kun je weliswaar minder foto’s per seconde schieten, maar het aantal foto’s dat je achter elkaar kunt maken, is een stuk hoger (en soms zelfs onbeperkt). Het is wel teleurstellend dat de EVF zoveel energie verbruikt; nog meer dan het lcd-scherm.

Beeldkwaliteit

De beeldkwaliteit stelt ons wat teleur. Hoewel er (in combinatie met de 16-50 f2.8 kitlens) zeker een voortgang is te zien in de detaillering ten opzichte van camera’s met minder pixels, heeft dit logischerwijs een impact op de signaalruisverhouding. Sony voldoet niet aan de stelregel dat de kwaliteit van de sensor (bij slecht licht) gelijkwaardig of beter is dan eerdere producten. Vergeleken met andere APS-C camera’s doet de a77 het niet heel goed. Al op ISO 1600 en 3200 is er behoorlijk wat ruis te zien, die naar huidige maatstafen aan de hoge kant zijn. Hogere ISO-standen zijn wat ons betreft in de meeste gevallen onbruikbaar als kwaliteit van belang is. Het nut van ISO 6400. 12.800 en 16.000 is dus zeer beperkt. Wat betreft detaillering en resolutie haalt de a77 niet de kwaliteit van de drie jaar oude Canon 5D Mark II en wat betreft ruis is de 16 megapixel-sensor van Sony’s eigen NEX-5N veruit superieur – ook op ISO 12.800. Ongetwijfeld zijn er fotografen die 24 megapixels toejuichen, maar we denken dat prosumers ook tevreden waren geweest met een a77 met 16 megapixels met veel betere prestaties op hoge ISO’s. Als je nooit meer dan ISO 1600 gebruikt, is het probleem te overzien. Indien wel, dan zijn er betere camera’s te vinden.

Prijzen

De a77 heeft een adviesprijs van 1300 euro zonder lens. Met standaardkitlens wordt de prijs 1400 euro en inclusief het nieuwe 16-50 f2.8 objectief (los € 700) moet je er 1900 euro voor neertellen. De a77 wordt binnenkort in de winkels verwacht.

Hieronder vind je extra beeldmateriaal van de nieuwe Sony camera’s.



PRAKTIJKFOTO’s:

Athens (Sony a77 a65)

Athens (Sony a77 a65)

Athens (Sony a77 a65)

Athens (Sony a77 a65)

Athens (Sony a77 a65)





Pin It
Jeroen

is mede-oprichter van FotoVideo.nu, schrijver van diverse (foto)boeken en auteur voor verschillende tijdschriften. Hij fotografeert sinds 1994 met een spiegelreflexcamera en geeft ook af en toe presentaties en workshops over fotografie. Volg Jeroen ook op Twitter.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *